Pleidooi voor wijkgezondheidscentra

VRTNWS

Veerle Vyncke en Tom Meeus

Het stormt in de gezondheidszorg

De coronagolf die ons land overspoelt is een extreme uitdaging voor de eerstelijnszorg. Als meer zorgverleners forfaitair zouden worden betaald voor hun diensten, zou dat veel onnodige druk wegnemen, zegt de Vereniging van Wijkgezondheidscentra

De organisatie van onze gezondheidszorg is een interessant thema, met daarbij natuurlijk ook de financiering.

Ik lees een getuigenis van een huisarts die uitrekent dat hij in deze coronaperiode tot 14u per dag in ’t getouw is. In normale tijden beslaat zijn werkdag 10u. Moeten we ons niet eens de vraag stellen of het wel mogelijk is om 10u per dag goede geneeskunde te presteren ? Als ik weet dat mijn arts 14u per dag werkt, zoek ik een andere, of ik zorg dat ik vroeg op de dag aan de beurt ben, want ik geloof niet dat hij op het einde van zijn werkdag nog echt bij de pinken is.

Het kan natuurlijk ook zijn dat het wél mogelijk is om 10 tot 14 uur per dag goed te presteren. Maar dat zou betekenen dat het werk niet echt belastend is en niet zo veel concentratie vraagt. Als dat zo is, moeten we ons de vraag stellen of zo ’n arts wel hard genoeg werkt om zoveel te verdienen. 

Die arts waarover ik het heb, klaagt daarbij aan dat hij veel te veel tijd moet besteden aan papierwerk. Ik heb daarvoor een oplossing: zet een secretaresse in. Maar dat is voor die arts geen optie, want dat vreet aan zijn kapitaal… Geldwolven moeten niet klagen als ze hard moeten werken. Naam en adres van deze arts zijn mij bekend, maar niet beschikbaar. Het is niet mijn huisarts.

En laat het duidelijk zijn: een voorbeeld blijft slechts een voorbeeld. Ik ben er van overtuigd dat de meeste huisartsen géén geldwolven zijn. Maar toch…

Vyncke en Meeus hebben het over het financieringssysteem. Twee systemen komen voor: betaling per prestatie en forfaitaire betaling.

In mijn boek Eutopia (*) pleit ik voor betaling per prestatie, zeker ook in de productie.

Nu moet ik dadelijk duidelijk maken dat je dit moet kaderen in een samenleving die iedereen een basisinkomen verzekert dat voldoende is om fatsoenlijk van te kunnen leven. Werken in de productie wordt dan een aanvulling op dit basisinkomen. Ja, ik weet het: daarbij kan je allerlei vragen stellen. Daar kan ik hier niet op ingaan. Wie er meer wil over weten, moet maar mijn boek lezen.

Betaling per prestatie, of per afgeleverd product laat dan meer soepelheid toe: iemand die minder tijd nodig heeft om een product af te leveren, kan evenveel verdienen en meer vrije tijd overhouden. Als de omstandigheden dat toelaten, waarom zouden we die mens dat niet gunnen.

Maar uiteraard is niet alle werk geschikt voor betaling per prestatie, net zoals niet alle werk geschikt is voor forfaitaire betaling per uur, week, maand…

Ik denk dat Vyncke en Meeus duidelijk maken dat forfaitaire betaling in de eerstelijnsgeneeskunde in ieder geval wérkt en in deze corona-omstandigheden zelfs grote voordelen heeft. Misschien moeten we dus toch maar eens gaan nadenken over manieren om dat forfaitaire systeem uit te breiden.

Mijn kennis op dit terrein is onvoldoende om te kunnen beweren dat forfaitaire betaling zo maar mogelijk is voor  individuele huisartsen. Dat laat ik aan specialisten terzake over. Maar de praktijk toont aan dat forfaitaire betaling wel degelijk werkt in 

wijkgezondheidscentra en medische huizen. Noem daarbij ook maar geneeskunde voor het volk, dat uitstekende geneeskunde brengt.

Een een ander zou dan betekenen dat we naar meer wijkgezondheidscentra moeten.

Waarom eigenlijk hebben wij niet, zoals in andere landen, in iedere wijk een multidisciplinair gezondheidscentrum met artsen, tandartsen, verplegers, kinesitherapeuten, diëtisten… ? 

Je zou zo ’n gezondheidscentrum als opdracht kunnen geven om naast geneeskunde ook de algemene gezondheidstoestand in de wijk in het oog te houden: hou je wijk gezond. Vanuit het centrum zouden dan ook allerlei initiatieven op poten kunnen worden gezet die een gezonde levensstijl in de wijk bevorderen. Je zou deze initiatieven kunnen specificeren op basis van de gegevens die de artsen kunnen verstrekken.

Het grote voordeel van zo ’n centrum is zijn kleinschaligheid en nabijheid. Voor mijn part wordt het zelfs een ontmoetingscentrum. Wij, Vlamingen, zijn nogal terughoudend, en in de wachtzaal bij een arts is het dikwijls oorverdovend stil. Soms voelt dat goed aan. Maar als mensen met mekaar aan de praat geraken, vertellen ze aan mekaar wat ze aan de hand hebben, of dat ze “dat ook gehad hebben en dat het toch niet zo erg is en dat de geneeskunde van nu daar veel kan aan doen”. Mensen hebben daar nood aan.

Overigens ligt de kwaliteit van de geneeskunde in de gezondheidscentra nu al hoger dan in de particuliere geneeskunde. De verzorgkundigen zijn even bekwaam en hebben meer tijd voor hun patiënten en het multidisciplinair karakter is zeker een verrijking. Eigenlijk is het niet te begrijpen dat op dit ogenblik vooral “lagere sociale klassen” de weg naar die centra gevonden hebben. Is dat een probleem ? In ieder geval kunnen die mensen er maar goed mee zijn.

Pleit ik nu voor geneeskunde door de staat georganiseerd ? Ja en neen. Als anarchist sta ik huiverig tegenover alles wat de staat onderneemt buiten zijn kerntaken. Voor mij moet zo min mogelijk door de staat worden georganiseerd, en zoveel mogelijk door gemeenschappen binnen de staat. Maar natuurlijk leidt die organisatie door gemeenschappen tot situaties waarin concurrentie begint te spelen. Concurrentie kan positief zijn voor de kwaliteit van de productie of dienstverlening. Maar ze kan ook de boel verzieken. In die zaken moeten we dus een evenwicht zoeken, aangepast aan het thema.

In ieder geval denk ik dat het mogelijk moet zijn om naast gezondheidscentra door staat of stad georganiseerd, ook ruimte te laten, voor individueel privé-initiatief, maar vooral voor initiatief door organisaties zoals ziekenkassen in de mate dat die zich nog als echte gemeenschappen organiseren met leden die inspraak hebben, en niet verworden zijn tot de bedrijven waarin  het personeel nu wordt opgeleid tot cliënt-vriendelijkheid.

Vrijwaar de vrijheid van de mensen om zelf hun arts te kiezen en vermijdt dat er een geneeskunde met verschillende snelheden ontstaat.

Onder die voorwaarden zouden alomtegenwoordige wijkcentra met forfaitaire betaling zeker een verrijking zijn voor onze geneeskunde.

( * ) Mijn boek Eutopia kan je op deze website gratis lezen en/of downloaden, ook in ebookformaat.

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *