Och, probeer nu maar even je afkeer van alles wat naar de bijbel riekt van je af te zetten, de rijkdom van de mythologische taal binnen te laten en open te komen voor de boodschap die het verhaal wil meegeven. Ik zal je daar graag in bijstaan.
Een eeuwenoud literair meesterwerk, door de grootste componisten op muziek gezet: het Magnifiat.
Hoog verheft nu mijn ziel de Heer,
verrukt is mijn geest om God, mijn Verlosser,
Zijn keus viel op zijn eenvoudige dienstmaagd,
van nu af prijst ieder geslacht mij zalig.
Wonderbaar is het wat Hij mij deed,
de Machtige, groot is Zijn Naam!
Barmhartig is Hij tot in lengte van dagen
voor ieder die Hem erkent.
Hij doet zich gelden met krachtige arm,
vermetelen drijft hij uiteen,
machtigen haalt Hij omlaag van hun troon,
eenvoudigen brengt Hij tot aanzien;
Behoeftigen schenkt Hij overvloed,
maar rijken gaan heen met lege handen.
Hij trekt zich Zijn dienaar Israël aan,
Zijn milde erbarming indachtig;
zoals Hij de vaderen heeft beloofd,
voor Abraham en zijn geslacht voor altijd.
De evangelist Lucas (1, 39-56) vertelt het verhaal van Maria, zwanger van Jezus die op bezoek gaat bij haar nicht Elisabeth, ook al zwanger.
Bij deze ontmoeting “zingt” Maria het Magnificat.
Wonderlijke gebeurtenis als Maria zo maar spontaan een literair meesterwerk op de wereld zet. Maar los van deze kleine onwaarschijnlijkheid, blijft het echt wel een meesterwerk, niet enkel om de rijke taal, maar zeker ook omwille van de inhoud.
De mythische context is duidelijk: Maria is zwanger van God en zal dus de zoon van God op de wereld persen. Die zoon zal de wereld redden.
Om met dat laatste te beginnen: voor die mensen toen was het klaar en duidelijk dat de wereld nood had aan redding.
Als ik naar onze wereld nu kijk, zie ik toch ook een wereld die wel wat problemen kent om in een beetje eufemistische sfeer te blijven.
Maar ik kom weinig mensen tegen die daardoor tot bet besef komen dat ze redding nodig hebben. De mens van vandaag is zo doordrongen van zichzelf dat hij het heil enkel van zichzelf verwacht.
Veel mensen zijn gewoon bezig met hun eigen kleine leventje. Daarin proberen ze het te redden.
Anderen zien het een beetje wijder en worden activist. Maar hun activisme mist nederigheid. Het klinkt misschien raar, maar dat activisme is evenzeer bezig met zichzelf als met het verbeteren van de wereld. Voor de religieuze mens is dat activisme een vorm van pretentie.
Laat het duidelijk zijn: dezelfde mensensoort die de rotzooi heeft gebracht, kan de rotzooi niet opruimen.
Om het wat concreter te zeggen: ja, vroeg of laat lukken we er in een wapenstilstand af te spreken en met wat geluk eindigt dat in een vredesbestand, maar de geschiedenis leert dat elke vrede al de kiem van de volgende oorlog in zich draagt.
Toen de hel losbarstte in Oekraïne waren velen in Europa onthutst: waren we er niet in geslaagd een definitieve vrede in Europa tot stand te brengen ? Je moet nochtans geen genie zijn om te begrijpen dat de oorlog in Oekraïne in feite is begonnen bij het vredesverdrag na de Tweede Wereldoorlog. Als er vrede komt in Oekraïne zal daarin al een volgende oorlog ingebakken liggen.
De mens die denkt dat hij het zelf kan, maakt zichzelf wat wijs. Het is pure hoogmoed.
En dus is de idee van “redding” nog niet zo stom. Die simpele Joden in Palestina hadden het al begrepen. Natuurlijk is de “redding” zoals zij die opgevat hebben in mythologisch denken vervat – ze hadden geen ander denken – maar hun basisidee is juist: we kunnen het zelf niet. We hebben God nodig. Neen, daarbij heb ik het niet over een Deus ex machina die het van buiten uit eens zal komen oplossen. De God van Jezus is een God in ons.
De godsidee hoort in mythologische taal en wordt daardoor door veel mensen afgewezen. Nochtans is mythologische taal een manier om iets te vertellen wat in “gewone” taal niet of zeer moeilijk te vertellen is. Vergelijk het met poëzie of muziek.
Een kracht van de mythologische taal is het verhaal. Verhalen zijn een effectieve manier om complexe informatie op een boeiende en begrijpelijke manier over te brengen. (zegt de AI van Google). Misschien nog belangrijker: een verhaal nodigt uit tot identificatie met een persoon in het verhaal. Daardoor vergroot de betrokkenheid. Bij levensvragen is dat belangrijk. Een verhaal grijpt dieper dan een zakelijke, filosofische of wetenschappelijke mededeling.
De essentie van de godsidee is het besef en de aanvaarding van onze “kleinheid”. Dat besef en die aanvaarding is de basis voor de liefde. Liefde is niet zo maar goed zijn voor iemand. Het is niet de sterke die problemen van de zwakke oplost. Liefde is “lotsverbondenheid”. Wie liefheeft moet “klein” kunnen zijn met de kleine. Enkel zo kan de mens zich bevrijden van egocentrisme. En neen, niemand zal ooit totaal vrij worden van egocentrisme, maar de mens van nu wordt door zowat alles in onze samenleving bevestigd in egocentrisme. Psychiaters zien een spectaculaire groei van narcisme. Dat is dan het zwaar ziekelijke narcisme. Maar ook het “gewone” narcisme is overweldigend groeiend. Het wordt aangemoedigd door alle krachten die onze samenleving domineren; van het kapitaal tot de reclame tot de sociale media tot de algoritmes in dienst van de Mammon.
Als je de God van Jezus er bij haalt, ontstaat “de Nieuwe Mens in Christus”.
Paulus, brief aan de Kollozensen 3, 9-15:
Leg de oude mens met zijn gedragingen af, bekleedt u met de nieuwe mens, die op weg is naar het ware inzicht, zich vernieuwend naar het beeld van zijn schepper. Dan is er geen sprake meer van heiden of Jood, besnedene of onbesnedene, barbaar en onbeschaafde, van slaaf of vrije mens. Daar is alleen Christus, alles in allen. Doet dat aan, als Gods heilige en geliefde uitverkorenen: tedere ontferming, goedheid, deemoed, zachtheid en geduld. Verdraagt elkander en vergeeft elkander, als de een tegen de ander een grief heeft. Zoals de Heer u vergeven heeft, zo moet ook gij vergeven. Voegt bij dit alles de liefde als de band der volmaaktheid. En laat de vrede van Christus heersen in uw hart; daartoe zijt gij immers geroepen als leden van één lichaam. En weest dankbaar.
Dat vinden we terug in het Magnificat.
De redding van de wereld komt niet van de machtigen. Die worden van hun troon omlaag gehaald. Ook niet van de rijken die heen gaan met lege handen.
De redding van de wereld komt van een eenvoudige dienstmaagd die een kind op de wereld zet.
Malraux heeft het wel niet gezegd, maar hij had wel gelijk: “Le XXIe siècle sera spirituel ou ne sera pas”.
Als wij ons niet bekleden met de nieuwe mens in Christus is geen redding mogelijk.
Let op het woordje “wij”. Het gaat er niet om dat jij of ik ons bekleden met de nieuwe mens, maar dat wij het doen, (alleen kunnen we het niet) – samen, als leden van één lichaam.
Mooi !