Eind deze maand eindigt ook het katholieke kerkelijk jaar en begint met de advent een nieuw jaar.
Er is iets raars met dat kerkelijk jaar.
Het begint met de advent en Kerstmis, de geboorte van Jezus. Dat lijkt logisch. In die logica zou het dan ook moeten eindigen met de dood van Jezus waar je in zijn geval zijn verrijzenis en hemelvaart kunt aan toevoegen. Het zou logisch zijn dat het jaar eindigt op Hemelvaartstdag. Dit jaar was dat op 29 mei.
En toch doen we nog een half jaar door. Maar nu, op het einde van het jaar komen de teksten over de ”eindtijd”. Zo heeft Jezus het ook gezegd bij zijn Hemelvaart: nu ga ik naar mijn Vader, maar ooit kom ik terug.Die ooit duurt ondertussen al wel een twintigtal eeuwen. Je kan je afvragen of het er wel ooit van zal komen.
Dat geloof in een eindtijd was in de tijd van Jezus een algemeen verspreid geloof in Palestina. Blijkbaar heeft Jezus zich daarvan niet los gemaakt of kunnen losmaken. Ook de eerste christenen waren er van overtuigd en velen dachten echt dat ze het zelf nog zouden meemaken.
Wat moeten wij – nu – er dan nog mee ?
Het is duidelijk dat Jezus een kind van zijn tijd was. Om het in contextuele taal te zeggen: hij was dan wel de Zoon van God, maar ook van Maria, een eenvoudig meisje uit een onooglijk stadje.
Het lijkt me duidelijk dat we dus niet alle ”opvattingen” van Jezus zomaar moeten overnemen. Dat maakt hem niet minder waardevol. We moeten zijn boodschap ontdekken binnen de culturele context waarin hij leefde.
En dus: wat dan met de eindtijd ?
De eindtijd wordt gekenmerkt door: ‘Er zal strijd zijn van volk tegen volk en van koninkrijk tegen koninkrijk; er zullen hevige aardbevingen zijn, en hongersnood en pest, nu hier, dan daar, schrikwekkende dingen en aan de hemel geweldige tekenen.”
Tja, je hoeft geen begenadigd observator te zijn om onze tijd daarin te herkennen.
Overal ontmoet ik mensen die pessimistisch en angstig zijn. Terecht.
Maar bij Jezus is de eindtijd wel een tijd van overgang naar iets moois. Elders noemt hij deze vreselijke gebeurtenissen ”het begin van de weeën”. (Mt. 24, 8) In die tijd wordt er van de christen veel moed gevraagd. Hij zal gehaat worden, vervolgd … want hij probeert de liefde te beleven terwijl de wereld de haat cultiveert.
Als ik dit toepas op onze tijd zie ik overal propaganda om ons er van te overtuigen dat we een vreselijke vijand hebben die ons wil vernietigen en waartegen we ons massaal moeten bewapenen. Jonge mensen worden gemanipuleerd om voorlopig vrijwillig in het leger te stappen als mentale voorbereiding op het terug invoeren van de verplichte legerdienst. Daarbij wordt de vijand gedemoniseerd, wat betekent dat hij gehaat wordt.
Wie niet mee stapt in dat verhaal zal aanzien worden als een verrader en worden vervolgd.
Het staat allemaal al beschreven in het evangelie.
Van de echte christen wordt dan standvastigheid verwacht. Hij mag zich niet laten leiden door de profeten van haat en geweld. Hij moet de naïeve liefde blijven beleven en verkondigen. Alleen dan zal hij ”gered” worden.
De logica is duidelijk: het onheil van de oorlog is het resultaat van egoïsme, hebzucht, streven naar macht … Merk op dat dit geldt voor beide kanten van de oorlogvoerenden. Ook van onze kant. Onze valse profeten stellen het ons voor alsof alleen de smerige Rus schuld heeft aan de dreigende oorlog en ”wij”, onschuldig, wel gedwongen worden om ons te verdedigen. Wie het wil zien, ziet dat ook ”wij” medeschuldig zijn aan de onheilspellende situatie.
Ook bij ons is er dat egoïsme, die hebzucht, dat streven naar macht.
Dààr ligt de oorzaak van het lijden. De oorlog neemt die oorzaak niet weg. Integendeel, hij is een toppunt van beleving er van.
Wie vrede wil, moet aan die oorzaak werken. Hij moet de liefde beleven. Dit is de kern van de boodschap van Jezus. God is Liefde. (1 Joh. 8, 4)
Of denk je dat als wij de oorlog gewonnen hebben er zo maar vrede zal zijn ? Als we dan niet overgaan tot de opbouw van een echt solidaire samenleving met de persoonlijke beleving van de universele liefde, zal de cyclus herbeginnen en is de volgende oorlog al in de maak.
Moeten wij ons dan gelijk schapen laten afslachten door de mens geworden duivel Poetin ?
Maar ook: moeten wij ons gelijk schapen door onze ”leiders” naar het slagveld laten leiden ? Dat is dus wel wat we nu aan ’t doen zijn.
Een christen die in deze tijd zijn geloof consequent beleeft – consequent de geweldloze liefde beleeft – zal in de problemen komen. Wie actie voert tegen de waanzinnige financiële militaire inspanningen – wie dienstplicht weigert … zal in de onwettelijkheid terecht komen … met alle gevolgen van dien.
Maar eigenlijk is het niet moeilijk. In de problemen kom ik toch. Of het aan het front is, of als dienstweigeraar.
Daarin heeft Jezus gelijk: je kan maar beter een held zijn in de beleving van de liefde dan als doder van andere sukkelaars zoals jij zelf.
PS. Neen, ik vind niet dat elke christen per definitie militaire dienst moet weigeren. Jezus zegt niet wat wij moeten doen of laten. Hij zegt dat we moeten liefhebben en de liefde kan vele vormen aannemen en bestaat niet zonder vrijheid. Het blijft een zaak voor het persoonlijke geweten. Maar de liefde veronderstelt wel dat we streven naar vrede en alles doen om oorlog te vermijden. Niettegenstaande hun retoriek zijn onze politieke ”leiders” daar niet mee bezig.
In die tijd merkten sommigen op hoe de tempel daar prijkte met zijn fraaie stenen en wijgeschenken. Toen zei Jezus: ‘Wat ge daar ziet: er zal een tijd komen dat er geen steen op de andere gelaten zal worden: alles zal verwoest worden.’ Ze vroegen Hem nu: ‘Meester, wanneer zal dat dan gebeuren?’ Maar Hij zei: ‘Weest op uw hoede dat gij niet in dwaling wordt gebracht. Want velen zullen optreden in mijn Naam en zij zullen zeggen: Ik ben het, en: Het ogenblik is nabij. Loopt niet achter hen aan. En wanneer gij hoort van oorlogen en onlusten, laat u dan niet uit het veld slaan. Dat alles moet wel eerst gebeuren maar het einde volgt niet terstond.’ Toen sprak Hij tot hen: ‘Er zal strijd zijn van volk tegen volk en van koninkrijk tegen koninkrijk; er zullen hevige aardbevingen zijn, en hongersnood en pest, nu hier, dan daar, schrikwekkende dingen en aan de hemel geweldige tekenen. Maar nog vóór dit alles geschiedt, zullen zij u vastgrijpen en vervolgen; zij zullen u overleveren aan de synagogen en gevangen zetten, u voor koningen en stadhouders voeren omwille van mijn Naam. Het zal voor u uitlopen op het geven van getuigenis. Welnu, prent het u in dat gij dan uw verdediging niet moet voorbereiden. Want Ik zal u een taal en een wijsheid geven die geen van uw tegenstanders zal kunnen weerstaan of weerspreken. Ge zult zelfs door ouders en broers, door bloedverwanten en vrienden overgeleverd worden en sommigen van u zullen ze ter dood doen brengen. Ge zult een voorwerp van haat zijn voor allen omwille van mijn Naam: geen haar van uw hoofd zal verloren gaan. Door standvastig te zijn zult ge uw leven winnen.’ (Lucas 21, 5-19)