Vierde zondag van de advent.
Drie weken zijn we nu al onderweg naar die stal.
Jozef en Maria hebben er niet zo lang over gedaan.
Mijn routeplanner leert me dat het van Nazareth tot Bethlehem ongeveer 145 km is. Te voet met een zwangere vrouw op een ezel, geen file, maar wel op wegen, nog slechter dan die in belgië, zullen ze toch wel een week onderweg zijn geweest.
Belangrijker is dat ze al negen maanden onderweg waren, niet naar een stal, maar om nieuw leven op aarde te brengen.
Raar: eigenlijk is een geboorte iets banaals. Het gebeurt iedere dag, overal. En toch …
In het evangelie wordt die geboorte in verband gebracht met vrede. Vrede op aarde.
Daartegenover staat oorlog, hoogmis van zinloos sterven.
Zinloos ! Dood gaan ! In élke oorlog.
Het evangelie leert ons: vrede betekent: nieuw leven brengen.
Vrede wordt geboren.
Bij een geboorte kan je de hele zaak herleiden tot wat fysiologie. Het begint met ”zaad bevrucht ei.” Een man kan dan zichzelf wijs maken dat hij iets gepresteerd heeft. Wel ja, een geboorte is het resultaat van menselijk handelen, en toch ervaren we een kind als een geschenk.
Hopelijk ervaren we een kind als een geschenk. Als we dat niet doen, is er iets grondig mis. Dan missen we iets.
Sta je me toe om nu toch dat kind als een geschenk te zien ?
Geboorte als geschenk, gaat samen met vrede. Vrede is een geschenk.
In de evangelies is Maria zwanger van de Heilige Geest, van God. Niks geen prestatie van Jozef. Je kan daar lacherig over doen, maar het betekent wel iets: Vrede is een geschenk van God.
Wij presteren geen vrede.
Vrede kàn niet ontstaan door menselijk presteren, want vrede veronderstelt een houding van nederigheid, ontvankelijkheid, van bereidheid om te krijgen.
Zolang wij ambitie, presteren, pakken in plaats van krijgen, blijven cultiveren, zullen we geen vrede kennen.
Kijk nu naar onze samenleving.
Kijk naar de manier waarop onze media de sport-prestaties ophemelen. Extreme TV programma’s zoals De Rugzak, of De Expeditie, zijn niet onschuldig. Ze verheerlijken het presteren.
Een programma zoals Special Forces doet dit expliciet in militair verband. Het bereidt onbewuste mensen voor op bereidheid tot presteren in oorlog.
Kijk naar de prijzen die worden uitgereikt aan ondernemers die er in geslaagd zijn om hun bedrijf beter te laten renderen dan de concurrenten …
Overal gaat het om presteren, om ambitie … om anderen te verslaan.
Natuurlijk lopen nu zoveel mensen tegen een muur en belanden in een burn-out.
In zo ’n wereld is er geen vrede; kàn er geen vrede zijn.
Ons wordt voorgehouden dat het leven een strijd is. En strijden moéten en zullen we.
Het zal wel zijn dat weer eens een oorlog dreigt en onze jongeren, dikwijls ook nog aangespoord door misdadig misleide ouders zich enthousiast aanmelden voor militaire dienst.
Het is iets wat de handelingen van Jezus zijn leven lang kenmerkt : ook als hij wonderlijk straffe dingen doet zoals lammen laten lopen, blinden laten zien … schrijft hij dit niet toe aan eigen presteren, maar verwijst hij naar zijn Vader, God.
De ongelovigen onder jullie sta ik nu toe om die God even achterwege te laten, maar, alstublieft, neem de boodschap van Jezus en de evangelies toch maar ernstig, want wat we nu in ons gewone dagelijkse leven pratikeren dreigt uit te monden in zijn extreemste vorm: oorlog.
Maar ik maak me geen illusies.
Al meer dan tweeduizend jaar wordt het verhaal van die geboorte verteld. Al tweeduizend jaar zingen engelen vanuit den hoge ”Vrede op aarde, voor de mensen van goede wil”.
Ondertussen is het feest geperverteerd tot een orgie van consumeren en cadeaubons.
We leggen geschenken onder de kerstboom omdat dat gezellig is.
In feite is het allemaal beestig: we zijn als mens nog lang niet helemaal mens geworden, maar nog veel te veel beest gebleven. Blijkbaar voelen we ons daar goed bij, niet beseffend dat de oorlog er dan gewoon bij hoort.
Blijkbaar zijn we nog niet echt mens geworden.
Kerstmis is juist het feest van God die mens wordt. Van Jezus die ons toont wat echte menselijkheid betekent.
Misschien moeten we aanvaarden dat we nog niet genoeg mens zijn om vrede te kennen; dat we nog niet ver genoeg gevorderd zijn in onze evolutie van beest naar mens.
Maar in deze tijd past de vraag: zijn we nog op weg naar echt mens zijn ? Is onze – jouw en mijn – manier van leven een bijdrage tot groei in menselijkheid, of een rem op die groei ?
In ieder geval is ook deze kerstperiode weer een oproep van de fluisterende God om toch maar weer op weg te gaan; een stapje te zetten en een beetje te groeien in nederigheid, ontvankelijkheid, mildheid, verbinding
Dat stapje kunnen we niet zetten zonder ons ”over te geven” aan iets/iemand die groter is dan wij. Overgave verwijst naar God.