Wie voor de N-VA gestemd heeft, moet nu niet zeuren over de aanval van deze partij tegen de ziekenfondsen.
Ziekenfondsen passen nu eenmaal niet in de ideologie van het volksnationalisme.
Een staat kan zich beperken tot het organiseren van een samenleving op een bepaald grondgebied. De staat valt dan samen met de samenleving. Het is dan een liberale staatsvorm.
Maar een samenleving vormt niet zo maar een gemeenschap.
Een natie is een staat die naast samenleving ook gemeenschap wil zijn. Gemeenschap is de basis voor solidariteit. Zonder gemeenschap geen solidariteit. Maar ook andersom: in een gemeenschap altijd solidariteit.
Het liberalisme focust op het individu en is niet geïnteresseerd in gemeenschap. Het liberalisme organiseert dus ook geen solidariteit.
Naast het pure liberalisme heb je ook het sociaal liberalisme dat vandaag bij ons nogal wat politiekers verleidt. Je vindt het niet enkel meer in een ”liberale” partij, maar bijvoorbeeld Vooruit is een sociaal liberale partij en niet meer een socialistische partij.
Sociaal liberalen zullen proberen armen te steunen (bijvoorbeeld met energiepremies), maar dat is geen solidariteit, maar gewoon toepassing van de mensenrechten, of anders gezegd: menselijkheid. Merk daarbij op dat de mensenrechten individuele rechten zijn. Ze hebben niets vandoen met gemeenschap vormen of solidariteit. Ze zijn een liberale aangelegenheid. De verdedigers van de mensenrechten die zich links wanen, hebben het niet goed begrepen.
Maar terug naar het nationalisme. In een natiestaat die zichzelf als een gemeenschap ziet, is de organisatie van de solidariteit dus een opdracht van de staat. Het is een vorm van socialisme. Daarom ook heette het nazisme: nationaal socialisme.
Daarmee heb ik niet gezegd dat elk nationalisme hitleriaans nazisme is omdat in dat nazisme van Hitler ook het element volk een belangrijke rol speelde.
Bij volksnationalisme valt een natie samen met een volk.
De gemeenschap van de natie valt samen met de gemeenschap van het volk. Elk volk heeft recht op een eigen staat.
Maar wat is een volk ? Het is op dat terrein dat het volksnationalisme van, bijvoorbeeld de N-VA, zich onderscheidt van het hitleriaans volksnationalisme.
Voor Hitler had het volk te maken met ras en afkomst. Het hitleriaans volksnationalisme was racistisch in de letterlijke betekenis van het woord.
Daar kan je de N-VA niet van beschuldigen (denk daarvoor in de richting van het vlaams blok). Voor De Wever hoort bij het volk iedereen die zich op het grondgebied gevestigd heeft en zich wil conformeren aan de taal, de waarden en normen, en zich wil inschakelen in de geschiedenis van het volk dat zich doorheen de jaren/eeuwen in deze streek heeft gevormd. Van racisme is hier dus geen sprake.
Ook kenmerkend voor het hitleriaans volksnationalisme was de overtuiging dat het eigen volk superieur was aan de andere volkeren waaruit minachting ontstond die het recht gaf om andere vervelende volkeren dienstbaar te maken aan het eigen volk of zelfs uit te roeien.
Ook daarvan kan je de N-VA niet beschuldigen.
Neen dus: ik beschuldig de N-VA niet van hitleriaans nazisme.
Maar de N-VA is dus wel volksnationalistisch waarin de staat als een gemeenschap wordt gezien omdat zowel het begrip natie als het begrip volk op gemeenschap slaan.
In deze ideologie is het is dus aan de staat om de solidariteit te organiseren. De ziekenfondsen als organisatie van solidariteit zijn dus overbodig en staan zelfs in de weg.
Neen, ik ben geen N-VA-er. Ik wil wel een eind meestappen met de N-VA als voorstander van de afbraak van belgië. Ik ga hier nu niet uitleggen waarom ik voor die afbraak ben.
Maar ik ben geen volksnationalist. Als belgië opgedoekt is, interesseert het me geen bal of Vlaanderen een onafhankelijke staat wordt waarin het Vlaamse volk een eigen staat krijgt.
Ik geloof niet in de natiestaat – in een staat die tegelijkertijd ook gemeenschap is.
Zeker in het kapitalisme is een natie de facto onmogelijk omdat de macht er bij het kapitaal ligt. De staat – de politiek – is de uitoefening van die macht in een samenleving. En die macht, kàn niet samenvallen met een gemeenschap. Want gemeenschap is totaal tegengesteld aan kapitalisme.
Daarbij wordt het begrip volk door de globalisering en meekomende massamigratie totaal uitgehold. De visie van De Wever op volk is geen basis voor gemeenschap.
Massamigratie is altijd onvermijdelijk de invoer van een bevolking met een andere moedertaal, geschiedenis, andere waarden en normen. Respect voor andere culturen binnen dezelfde staat en telkens nieuwe migratie maken de gemeenschapsvorming de facto onmogelijk.
Als de staat geen gemeenschap vormt heeft de staat dus ook geen basis om solidariteit te organiseren. Je ziet dat op dit ogenblik in de toepassing van onze sociale zekerheid. Deze wordt niet meer gedragen door gemeenschapsgevoelen. De burger is ze gaan zien als een wettelijk vastgelegde dienstverlening van de staat waarop hij recht heeft. De plichten die uit het lidmaatschap van een gemeenschap volgen, zijn uit het oog verdwenen.
En dus ja: we hebben wél ziekenfondsen nodig.
Onze ziekenfondsen zijn ontstaan uit gemeenschappen binnen de staat. Maar ook zij hebben de basis van de gemeenschap verloren. Ze zijn verworden tot concurrerende verzekeringsmaatschappijen. Natuurlijk zijn er in de ziekenfondsen nog mensen die de solidariteit als essentieel zien, maar de massa van de leden doet dat niet meer.
Ja dus, de ziekenfondsen moeten zichzelf heruitvinden en dat gaat in essentie om het terug vinden en opbouwen van een gemeenschap met een gemeenschapsgevoelen dat de de basis vormt voor solidariteit.
Als volk en staat / gemeenschap en staat, samenvallen heb je natuurlijk ook geen middenveld meer nodig. Je gaat er van uit dat de staat bekommerd is om alle inwoners. De zaken kunnen perfect geregeld worden in een contact van de individuele burger met de staat. Doordat de natievorming mislukt is (de staat is geen gemeenschap meer) leidt het huidige volksnationalisme raar genoeg tot een de facto gelijke toestand als het liberalisme.
Ook met de N-VA aan de macht leven we nu in een sociaal liberalisme.
Juist in zo ’n liberale staat, sociaal of niet is, dus wél een middenveld nodig.
In zijn betrekkingen met de machtige staat, is de individuele burger de zwakke speler. Het middenveld bestaat uit organisaties die door de macht van het getal die machtsverhouding in evenwicht brengen.
In dat middenveld zijn de ziekenfondsen belangrijk. Niet als organisatoren van taken die ook door de staat kunnen worden uitgevoerd, maar als onderhandelaars van gemeenschappen binnen de staat met die staat, of met die andere machtige instantie: de zorgverstrekkers (artsen en producenten van geneesmiddelen).
Voor werknemers heb je de vakbonden die staan tegenover de staat en de werkgevers.
Om het nog even wat concreter te maken: Het interesseert me geen barst wie controleert of iemand al dan niet ziek is. Dat moet gebeuren door wie dat het meest efficiënt en objectief kan.
Maar het ziekenfonds moet er wel voor zorgen dat in de regelgeving hierover de belangen van de zieke burger worden erkend. En als die controle door een andere instantie dan het ziekenfonds zou gebeuren – door de staat – dan moet het ziekenfonds controleren of die controles correct verlopen, in het algemeen of voor individuele burgers.
De rollen worden dan dus omgekeerd: niet de staat controleert de ziekenfondsen, maar de ziekenfondsen controleren de staat.