Vakantie !
We kijken er naar uit. We leven er naar toe. We snakken er naar om de stress van het dagelijkse leven achter ons te laten …
Vraag: moeten we niet ook proberen om ons dagelijkse leven minder stressvol te maken ?
Druk, druk ! Mensen denken dat ze interessant zijn als ze het druk hebben.
Stress is uiteraard niet helemaal te vermijden – gezonde stress is zelfs nodig – maar als ik terugblik op mijn dagen, ontdek ik wel dat ik heel wat heb meegemaakt dat me ongezonde stress bezorgd heeft, terwijl die stress eigenlijk voor niks nodig was. Op het moment zelf zag ik dat niet zo. Maar als ik er nu aan terugdenk, besef ik het wel. Zou ik niet een geestelijke oefening moeten doen die me dat besef bijbrengt, niet na, maar tijdens of zelfs voor de stressvolle gebeurtenis ?
Deze overweging wijst me er wel op dat ik moet oppassen om niet ook mijn vakantie vol te steken met stress. De stress van het inpakken, het op tijd moeten komen, de vermoeiende nachtelijke ritten, het niet altijd aangename gezelschap …
New York schijnt de moeite waard te zijn. Als je daar naartoe wil kan je niet anders dan zoveel uren vliegen in een volgepakt vliegtuig vol stinkende anderen en als je zoals ik er geen maand kunt blijven, heb je de eerste jetlag nog niet verteerd als je de tweede al opbouwt.
Je kan vakantie zien als een periode waarin je niet verplicht aan het werk moet om geld te verdienen. Je bent dan vrij om te doen wat je wil. Naar New York vliegen is dan, stress of niet, beter dan ingesmeerd op een strand te gaan liggen met wat negers die je je cocktail brengen. Maar misschien moeten we het onderscheid maken tussen vrije tijd en vakantie.
Natuurlijk mogen en moeten we onze vrije tijd benutten om waardevolle dingen te doen die tijdens de werk-tijd niet mogelijk zijn. Bezoek de Sagrada Familia. Beleef het festival Laus Polyphoniae … Neen Pukkelpop hoort er niet bij wegens niet waardevol. Een beetje bewust levende mens besteedt zijn altijd te korte vrije tijd niet aan zo ‘n onwaarde.
Maar ook die waardevolle vrijetijdsbesteding is geen vakantie.
Het woord vakantie komt van het Latijnse vacuum, leegte.
Vakantie betekent ons zelf leeg maken. Ons ontdoen van zoveel ballast die we voortdurend met ons meeslepen omdat we door onze aard, door onze samenleving … onszelf altijd maar opnieuw vullen met ik.
Ons leegmaken van onszelf om plaats te maken voor …
Ja, voor wat ?
Toen de apostelen zich weer bij Jezus voegden, brachten zij Hem verslag uit over alles wat zij gedaan en onderwezen hadden. Daarop sprak hij tot hen: “Komt nu eens zelf mee naar een eenzame plaats om alleen te zijn en rust daar wat uit.” (Mc. 6, 30-31)
In deze pericope is er één woordje dat opvalt: zelf.
Het klinkt raar: ”komt nu eens zelf mee”. Kan je als iemand anders mee gaan ? Iemand anders in jouw plaats laten meegaan ? Nochtans staat dat woordje er en is het er eeuwen lang blijven staan. Er zijn vertalingen waarin het is weggelaten om ”meer bij de tijd” te zijn. Maar in de oude Griekse tekst staat het er en die wordt nog altijd bestudeerd. In goede vertalingen staat het er ook in het Nederlands.
Laat dat zinnetje nu eens smelten op je tong. ”Komt nu eens zelf mee”. Probeer er niet over na te denken – dat zal ik zo dadelijk wel in jouw plaats doen – maar laat het diep rustig in je doordringen.
Einde van de diepe rust. Opnieuw naar de rationele overweging.
Jezus wil uitdrukkelijk dat de apostelen zichzelf meenemen. Hun ik. Ze moeten niet meegaan alsof het vrije tijd is. De rust zal over iets diepers gaan.
Ze moeten gaan rusten van zichzelf; zichzelf los maken van zichzelf. Zich leeg maken … vakantie nemen.
Daarvoor hebben ze een eenzame plaats nodig waar ze alleen zijn. Je kan je niet ”verlossen” van jezelf als anderen je afleiden, nodig hebben …
Het staat er niet uitdrukkelijk maar het is duidelijk dat het daar stil is. Stilte en leegte gaan samen.
Misschien de belangrijkste idee in de tekst is: ”komt mee”.
Je gaat er niet zo maar uit jezelf naar toe. Er is iemand die je mee neemt. Zonder Hem kom je er niet. Zonder Hem ben je niet alleen; geraak je niet leeg.
Zojuist stelde ik dat we ons moeten leegmaken van onszelf om plaats te maken. Voor wat … ?
Het heeft niet veel zin om plaats te maken voor iets wat niet dieper, hoger … is dan mijn zelf; voor iets wat me niet overstijgt.
Dat overstijgende kunnen we nooit helemaal ”vatten”. Anders zou het ons niet overstijgen. Maar diep in onze menselijkheid is er dat aanvoelen, dat vermoeden, die intuïtie van dat overstijgende.
Dat overstijgende geef ik een naam: God.
”Kom mee” – zegt Jezus. ”Kom mee met mij … om open te komen voor dat aanvoelen, vermoeden … die intuïtie.
Daar voor open komen is niet evident. Daarvoor moeten we ons leegmaken van ons aangeboren egocentrisme, ons streven, onze problematische omgang met anderen … We kunnen niet open komen voor het overstijgende; zonder ”hulp” van dat overstijgende. We kunnen niet op weg gaan naar God zonder Iemand met wie we mogen meegaan; die ons uitnodigt om mee te gaan. En dan is het nog altijd aan ons om al dan niet mee te gaan.
Ik wens je een waardevolle vrije tijd en een bevrijdende vakantie.