Over geciviliseerde barbarij

Globalinfo

Politieke Idealen

En Revolte Tegen Barbarij 

Op de kop af een eeuw geleden wilde de befaamde Engelse filosoof, wiskundige, antimilitarist en maatschappijcriticus Bertrand Russell (1872-1970) in Glasgow een lezing houden over politieke idealen. Dat werd hem niet toegestaan.

Een lang artikel dat korter had kunnen zijn. Maar wél interessant omwille van de omkering van ons gewone denken. Wij hebben de neiging om “onze” vorm van samenleven als beschaafd te beschouwen. Daar tegenover zou dan een andere samenleving staan die “primitief” wordt genoemd. Allereerst lijkt het me duidelijk dat die “primitieve” samenleving in de betekenis van dit artikel gewoon nergens voorkomt. De samenleving op planetair niveau is in haar totaliteit “beschaafd”.

Onze samenleving wordt gekenmerkt door voornamelijk twee zaken: ze creëert ongelijkheid (arm – rijk/ machtig –  machteloos) en ze steunt op vernietiging: vernietiging van de natuur (de milieuproblematiek) en vernietiging van mensen (oorlog). Dat wordt dan de “beschaafde” wereld genoemd omdat dit de “moderne” wereld is, de wereld van technologie en wetenschap. 

Daartegenover staat dan de zogenaamde “primitieve” wereld. Een wereld waarin de tegenstellingen arm – rijk en machtig – machteloos niet aanwezig zijn, en de mens in harmonie met zichzelf en de natuur leeft. Maar het pijnlijke aan het verhaal is, dat deze wereld nooit heeft bestaan. 

Dan stelt zich de vraag: kàn deze “primitieve” samenleving bestaan ? Aan die vraag gaat het artikel voorbij. De auteurs voeren de gele hesjes op als een soort prototype. De hesjes voeren actie tegen de beschaafde wereld en organiseren zich op een primitieve manier zonder leiders… Maar of die gele hesjes iets fundamenteels aan onze samenleving gaan veranderen is nog maar de vraag. Of eigenlijk is het niet eens een vraag: ze gaan dat niet doen. De machtigen van de beschaafde wereld gaan hen wat kruimels toewerpen, en de beweging zal doodbloeden.

Waarom kàn de primitieve samenleving niet bestaan ?

Ik speel met de woorden: een primitieve samenleving kan niet bestaan omdat de mens nog te primitief is. Hij is nog te weinig mens.

De mens is het resultaat van een evolutie (Darwin). In die evolutie heeft de mens als voorouder het dier. Sommigen stellen de mens gewoon gelijk aan het dier. Voor mij niet gelaten. Maar dan is de mens in ieder geval toch een sterk geëvolueerd dier. De evolutie vertoont twee snelheden: er is een lange periode met langzame kleine veranderingen, gevolgd door een korte periode met snelle grote veranderingen. Opnieuw gevolgd door een lange periode… Of nog: op een bepaald ogenblik gebeurt er een kwalitatieve sprong. De mens is zo een kwalitatieve sprong. Niet zo getalenteerde denkers halen graag aan dat mens en chimpansee of bonobo qua dna voor 98,7 procent gelijk zijn. Ze denken daarmee te hebben aangetoond dat de mens eigenlijk slechts een soort aap is. Nu kan dat wel zijn, maar niettegenstaande het kleine dna verschil is er toch een enorme kloof tussen mens en chimpansee. Het verschil in dna gaat niet enkel over de hoeveelheid dna, maar ook over de functie van dat dna. Een piano heeft 88 toetsen. Als je daarvan de onderste en de bovenste weghaalt, zal dat niet veel verschil maken bij de meeste uitvoeringen. Maar als je twee toetsen weghaalt in het middenregister is de piano eigenlijk onbruikbaar. Of nog: als in het stukje verschil bijvoorbeeld de mogelijkheid tot taal zit, maakt dat klein stukje een wereld van verschil.

Een grote kwalitatieve sprong maakt echter niet dat de mens niets meer heeft van het dier. Steeds opnieuw ontdekken biologen en psychologen atavismen, sporen van voelen, denken en doen die je terugvindt in vroegere fasen van de evolutie. Wij zijn nog meer dier dan we soms denken. En nog niet zoveel mens als we denken te zijn. En dat dierlijke speelt ons parten bij de opbouw van onze samenleving. Want het dier leeft volgens de wet van de wildernis: eten of gegeten worden; the survival of the fittest. Of zoals de oude Romeinen het al zeiden: homo homini lupus. En die Latijnse homo heeft niets te maken met onze homo’s, maar is gewoon het Latijnse woord voor mens: de mens is een wolf voor de (andere) mens.

Die dier-mens is wel een kuddedier, want hij is even slim als het braaksel in Laeken dat graag herhaalt dat Eendracht macht is. Maar ook in de kudde wordt er gevochten om het leiderschap en het paringsrecht… En dat zit dus nog altijd in de mensensoort.

Het thema komt ook aan bod in het scheppingsverhaal van de bijbel. God schept daar de mens als zijn beeld en gelijkenis. Nu is dat een mythologisch verhaal wat betekent dat iets wat verteld wordt als iets uit het verleden, eigenlijk van toepassing is op het heden, en op de toekomst. Dat God de mens schept naar zijn beeld en gelijkenis, betekent in deze context: de mens is geroepen om mens te worden naar Gods beeld en gelijkenis.

Maar de mens is dat duidelijk nog niet. Dat maakt dat een alternatief voor onze beschaafde samenleving op dit ogenblik gewoon niet mogelijk is. De mens is nog teveel een wolf om een samenleving mogelijk te maken waarin mensen enkel nog goed zijn voor mekaar, waarin de sterken een steun zijn voor de zwakken en de sterkste schouders de grootste lasten dragen, enz. Let op het woordje “enkel” in de vorige zin. Mensen zijn natuurlijk al wel goed voor elkaar. Er zijn al sterken die de zwaarste lasten dragen… Maar de mensheid als geheel is nog niet genoeg geëvolueerd om de samenleving volgens die principes te organiseren.

Ben ik nu pessimistisch ? Neen ! Want enerzijds geef ik toe wat de liberalen altijd beweren: de mens is een wolf voor de andere mens. Maar de liberalen gaan er van uit dat dit altijd zo zal blijven. En daarop bouwen ze dan hun overtuiging dat er geen alternatief is voor het kapitalisme. Het bijbels scheppingsverhaal, en eigenlijk het hele christelijke denken is er een van een grondig optimisme: het is er nog niet, maar het komt ! De evolutie stopt niet.

En dus mag ik dromen van een andere en menselijkere samenleving, zoals ik doe in mijn boek Eutopia. En niet alleen mag ik het, ik moét het ook. Want enkel wie het doel in het oog houdt gaat in de juiste richting. En daarmee heb ik ook gezegd: op weg !

 

 

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *