Het pakkende verhaal van de vluchteling Nur

MO*

Robbert Leysen

Dit is het verhaal van de Somalische vluchteling Nur

Je moest eens weten hoe het voelt om nergens welkom te zijn In september 2014 vertrok een rubberboot vanuit Libië naar de Italiaanse kust. Honderdvijfentwintig dappere individuen waagden zich aan de oversteek. Tweeëntwintig daarvan haalden de overkant uiteindelijk niet. ‘Een reddingsvest kostte 500 dollar, wie dat niet kon betalen moest zwemmen voor zijn leven.’

Je kent mijn standpunt over migratie: de grenzen moeten dicht en er moet een nieuwe kolonisatie komen waarbij dictators als misdadigers worden berecht en de internationale gemeenschap de opbouw van die landen ter harte neemt: democratische leiding, scholen, gezondheidszorg, wegen… Een kolonisatie, ditmaal niet gericht op uitbuiting van de kolonie, maar enkel op opbouw, waarbij de winst voor ons niet ligt in economisch gewin, maar in de oplossing voor het wereldwijde migratieprobleem.

Nog niet zo lang geleden zei ik dat de grenzen dicht moeten voor economische migranten, die eigenlijk geen vluchtelingen zijn, maar dat ze niet dicht moeten voor échte vluchtelingen; voor mensen die vluchten voor oorlog, omdat hun leven in gevaar is omwille van geloof, cultuur, overtuiging, geaardheid …

Ik wilde de grenzen open houden voor deze vluchtelingen omdat we er ons toe verbonden hebben om deze mensen op te vangen volgens de Conferentie van Genève, en gewoon omdat het om menselijkheid gaat. Nu wil ik de grenzen ook dicht voor die echte vluchtelingen. 

Toch moeten we ons verantwoordelijk blijven voelen voor de opvang van vluchtelingen, maar dan niet binnen onze grenzen, maar in opvangcentra, zo dicht mogelijk bij het thuis-gebied van de vluchtelingen met de bedoeling om hen zo snel mogelijk te laten terugkeren naar hun land. Het kan toch niet dat die landen zoveel mensen definitief verliezen. Telkens opnieuw wordt er ons door de nep linkse migratie-activisten op gewezen dat die vluchtelingen waardevolle mensen zijn – ook nu weer met het verhaal van Nur – maar moeten wij, en die landen, zo maar aanvaarden dat zoveel goede krachten verloren gaan bij de opbouw van dat land ?

Uiteraard moet deze politiek van “plaatselijke” opvang samen gaan met de nieuwe kolonisatie. Alleen zo kan de opvang beperkt blijven tot een redelijke termijn.

Natuurlijk besef ik dat dit irreëel rationeel gedachtengespin is. De kapitalistische krachten in Europa hebben op middellange termijn geen enkel voordeel bij deze politiek. Ze hebben er voor gekozen om via de ontwrichting van onze arbeidsmarkt door een belangrijke toevoer van nieuwe goedkope arbeidskrachten onze lonen onder druk te zetten; op die manier onze sociale zekerheid geleidelijk aan af te breken; en van West-Europa een streek gelijk alle andere te maken in een puur kapitalistische structuur (zonder de rem van de sociale zekerheid); met een groot gedeelte van de bevolking in grote armoede en vrij spel voor de totaal amorele en immorele verrijking van de weinigen.

Dat betekent dat de grenzen niet zullen dichtgaan, alhoewel er zal gestreefd worden naar een zekere controle van de instroom om het draagvlak bij de autochtone bevolking niet radicaal te laten instorten. Denk aan de brand in Bilzen.

Er is dus gewoon geen oplossing. En dus zullen we geconfronteerd blijven met verhalen zoals dat van Nur.

Tot zover de koele – sommigen zullen zeggen: koude of kille – rationele benadering.

Toch is het belangrijk om ook verhalen zoals dat van Nur te blijven lezen, te beluisteren, te begrijpen, er ons in in te leven in de mate van het onmogelijke. Want dat is een zaak van menselijkheid.

Dat leidt me tot twee bedenkingen.

Er is een verschil tussen de politieke benadering, die verpersoonlijkt wordt door de minister van migratie, nu Maggie het blok. Die benadering kan enkel rationeel zijn, rekening houdend met de (financiële) mogelijkheden, regelgeving, enz.

Maar ik, als individu, ben meer vrij. Natuurlijk mag ik geen wetten overtreden, maar ik kan wel persoonlijke inspanningen doen om mensen in nood te helpen (financieel), door hen nabij te zijn, een bron van moed voor hen te zijn. Ik denk dat dit belangrijk is, ook om onze eigen menselijkheid te behouden. Wie anderen ontmenselijkt, ontmenselijkt ook zichzelf. 

Daarbij moet ik wel vermelden dat ik het niet eens ben met de activisten die vanuit die optie de rationele politiek aanvallen. Dikwijls zijn die aanvallen op de politiek ook niet enkel gericht op verbetering van het lot van de vluchtelingen, maar ook nog plat politicisme waarbij enkel de kans wordt gegrepen om politieke tegenstanders te schaden. 

En het is misdadig om mensen voor te spiegelen dat er nog structurele politieke hoop is, als die er niet meer is, bijvoorbeeld door hen voor de zoveelste keer een nieuwe asielaanvraag te laten indienen, waarvan op voorhand geweten is dat ze zal worden afgewezen.

Een tweede zaak waaraan ik vanuit menselijkheid kan werken is de vergroting of de in standhouding van een draagvlak bij de bevolking hier. Of als je wil, het tegengaan van de verrechtsing en verharding tegenover de vreemdeling.

Op dit ogenblik worden mensen die meegaan in die verharding, automatisch weggezet als fascisten. De mensen die hen van fascisme beschuldigen denken dat ze hiermee strijden tegen de verrechtsing. Niet dus: ze werken de verrechtsing in de hand. Ja, er zijn harde ideologische racisten en fascisten. Maar de meeste mensen zijn dat niet. Hun harde houding die ze in vulgaire bewoordingen uitschreeuwen, is niet ingegeven door fascisme of onmenselijkheid – ook al lijkt het zo – maar door angst. Er gebeurt – te veel, te snel – wat ze niet verwerkt krijgen. Het zijn geen rechtse honden, maar ze bijten wel uit angst. Het heeft geen zin mensen te verwijten dat ze angstig zijn. Als je dat doet, gaan ze gewoon nog meer bijten.

De linksen die geen oog hebben voor de angst van gewone mensen, zijn geen linksen. Het zijn nep linksen. De enige manier om die gewone mensen over hun angst heen te helpen, bestaat er in om met hen mee te gaan op hun pad, en dan geleidelijk aan dat pad om te buigen in de goede richting.

Hoe dat precies kan gebeuren, moet ik nog uitvissen. Maar misschien kunnen anderen daarbij helpen.

Om duidelijk te maken wat ik bedoel: er wordt nu gehamerd op het tijdig inlichten en voorbereiden van de bevolking als er een asielcentrum wordt opgericht. Ik weet niet of het al gebeurt, maar ik denk dat het belangrijk is om aan de mensen te laten weten, dat je hun angst begrijpt, en dat je alles zal aan doen om de zaak veilig, ordelijk en zonder nadelen te laten verlopen. Als je daarbij de mensen een telefoonnummer en emailadres geeft waar ze eventuele overlast kunnen melden, en je ze verzekert dat er ernstig naar hun klachten zal wordt geluisterd en dat er krachtdadig zal worden ingegrepen – en je doet dat dan ook – dan ga je met de mensen mee, maar tegelijkertijd effen je ook een nieuw pad.

En wat dat krachtdadig ingrijpen betreft: het is niet omdat iemand een vluchtende sukkelaar is, dat hij de boel mag bevuilen, vrouwen mag lastig vallen, enz. Wie daarop betrapt wordt moet opgesloten worden, verliest alle recht op aanvraag, en wordt het land uitgezet, desnoods ergens in de woestijn waarin hij bewezen heeft te kunnen overleven.

Kijk, dàt is méégaan met de mensen !  Ben ik dan toch een rechtse ?

Maar blijf dus toch ook maar de verhalen van mensen zoals Nur lezen.

PS En ik blijf er bij dat de islam niet compatibel is met onze samenleving.

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *