Einstein voor niet-gevorderden

De Groene Amsterdammer

Verlichting?

Dat wat buiten de mens ligt is in onze humanistische cultuur uit het zicht geraakt – het verlies van de sterren getuigt daarvan. Het is tijd om onze verlichting te begrenzen; onze nauwe blik functioneert niet meer.We zijn het nachtelijk duister kwijt. In 2016 heeft het Light Pollution Science and Technology Institute een atlas gemaakt van de nachtelijke sterrenhemel. Het is een waar-kun-je-nog-sterren-zien-kaart. De bevindingen zijn opmerkelijk. Zo woont 99 procent van de inwoners van de Verenigde Staten en de Europese Unie – die unies met al die sterren in hun vlag – op plaatsen waar het nu onmogelijk is om de Melkweg te zien. De boosdoener is, uiteraard, lichtvervuiling. Onze steden zijn te verlicht en je hebt duisternis nodig om sterren te kunnen zien.

De auteur heeft het over de nachtelijke verlichting in onze steden. Van daar gaat hij over naar onze gevoeligheid voor transcendentie. En hij heeft gelijk. Ik ben voor het humanisme. Maar er is humanisme en humanisme. De mens is geen dier, geen productiemiddel, geen consumptievuilbak… of zou het toch niet mogen zijn.

Ik hanteer graag volgende (existentiële fenomenologie) bepaling: de mens is een ik in de wereld, met de anderen, en met God. Ik zou ongelovigen graag de toelating willen geven om God weg te laten – en meestel doe ik dat ook wel – maar hier kan ik dat nu even niet.

In ieder geval is die mens van mij een andere dan de zogenaamd humanistische mens van onze materialistische samenleving, waarin de mens wordt gereduceerd tot de economische mens. Natuurlijk zijn er mensen die dit onmenselijke humanisme overstijgen, maar als je naar de grote massa kijkt, blijkt dat toch heel moeilijk. Dat is ook niet verwonderlijk: als mensen zich moeten concentreren op overleven, hebben ze niet echt tijd of goesting om naar de sterren te kijken. Zeker niet als er tegelijkertijd altijd ook wel een schermpje oplicht. Die schermpjes zijn de sterren voor moderne mensen. Geef mij toch maar de echte sterren. 

Maar ik denk dat de auteur, Christiaan Furneaux, naïef is. Want ook als je de verlichting in de steden zou doven, is het nog lang niet zeker dat de moderne mens door de sterrenhemel in de richting van bewondering en verwondering over iets wat ons overstijgt, wordt geleid. Onze mensen zijn door het materialisme, de cultuur van genot, hebzucht en aanzien, doof en blind geworden voor de echte schoonheid en grootsheid. Je kan ook naar de sterren kijken als naar wetenschappelijk verklaarbare fenomenen. Met daarbij een maan waar je naar toe kunt. (Als je maar rijk genoeg bent.)

Er zal dus meer nodig zijn dan gedoofde lichten en foto’s van de aarde vanuit de ruimte. Onze mensheid heeft nood aan een radicale mentale en culturele omslag. En die is niet mogelijk binnen onze materialistische samenleving, waarin hangbangen op een festival voor velen de hoogste vorm van cultuurbeleving is.

Nu moet ik toch nog even terugkomen op die God. Laat me nu even God reduceren tot de Transcendentie. Ik heb het nu dus niet over God als persoon. Naar dat transcendente kan je kijken vanuit twee fundamentele standpunten. 

In het existentialistische standpunt gaat het over de vraag: wat is voor mij het allerbelangrijkste, waar wil ik voor leven, wat overstijgt me zodat ik me er aan wil overgeven… ? Voor velen is dat genot, macht, aanzien. Dan is genot, macht, aanzien hun God. De vraag is dan: zijn genot, macht, aanzien de moeite waard om God te zijn ? Tenslotte gaat het dan om mezelf. Mijn genot, mijn macht… Eigenlijk maak ik dan mezelf tot mijn God. En daarmee verdwijnt de echte betekenis van de transcendentie. Hier stoten we op de zwakheid van ons humanisme: er is niets méér dan de mens.

Als gelovige ga ik mee met het antwoord dat Jezus gaf: enkel de radicale (Goddelijke) liefde kan je God zijn; is de moeite waard om voor te leven; om je leven te laten bepalen… enz. Je hebt het dan over een God in mij, maar niet samenvallend met mij, omdat de liefde precies bestaat uit een verlegging van mij naar de andere.

In het essentialistische standpunt stel ik de vraag naar een God buiten mezelf. Is er buiten mezelf iets wat me overstijgt ? Iets waar ik me moet aan overgeven ? De vraag naar iets waarvoor ik wil leven is hier niet meer van toepassing omdat die de zaak weer in mij binnen trekt.

De vraag naar een God buiten mij leidt me naar de kosmos; als je het in bijbelse taal wil: naar de schepping. Als ik me openstel voor die grootsheid voel ik me klein. Neen, ik ben niet het middelpunt van het heelal. Ook nu weer verschuift de as van mezelf naar buiten mezelf. En dan komt mijn verantwoordelijkheid in het vizier. Al heb ik geen vat op de schepping als geheel, ik heb wél vat op een klein stukje ervan: moeder aarde. Misschien heb ik er in het geheel van de “kosmonale” geschiedenis slechts heel even vat op. Maar nu dus wel. En dus heb ik er verantwoordelijkheid voor. De aarde is niet mijn eigendom. Maar ik ben er wel verantwoordelijk voor. Mijn geloof maakt me milieubewust. Ik wil niet dat de aarde één grote vuilbak wordt voor de menselijke afval. Ik wil niet dat de natuur om zeep wordt geholpen om meer mensen een grotere TV te geven. Ik wil geen oneindige groei (de kapitalistische economie) op een eindige aarde. Precies omdat die eindige aarde deel uitmaakt van een oneindige kosmos.

Ik denk dat deze visie dieper gaat dan die van de mensen die het hebben over het lot van onze kleinkinderen. Dat is belangrijk, maar in deze bekommernis blijven we weer steken in een ik- of mensgericht denken. Het is dat diepere, die openheid voor dat grotere, hogere, alles overstijgende, dat ik mis in de groene beweging van vandaag.

Het is dus belangrijk om onze kinderen op te voeden, niet enkel door hen zwerfvuil te laten opruimen en te spijbelen in dienst van een verborgen agenda, maar ook door hen naar mooie muziek te laten luisteren. (Want om sterren te zien moet je het vliegtuig nemen naar verre landen.) Een suggestie: de Britse componist John Tavener. In mijn blogs van 12 en 19 april heb ik je al een link gegeven naar twee mooie uitvoeringen van zijn werk.

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *