Bezinning op zondag

Lucas 10, 1-12.17-20

In die tijd wees Jezus tweeënzeventig leerlingen aan en zond hen twee voor twee voor zich uit naar alle steden en plaatsen, waarheen Hijzelf van plan was te gaan. Hij sprak tot hen: ‘De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig. Vraagt daarom de Heer van de oogst arbeiders te sturen om te oogsten. Gaat dan, maar zie, Ik zend u als lammeren tussen wolven. Neemt geen beurs mee, geen reiszak, geen schoeisel; en groet niemand onderweg.

Het is onmogelijk om hier alle elementen van deze tekst te bespreken.

Allereerst moet duidelijk zijn dat in het oorspronkelijke verhaal zinnetjes zijn binnengesmokkeld vanuit een kerkelijke context. Het gaat er om dat Jezus zelf zeker geen kerk gesticht heeft, maar dat de latere kerkorganisatie toch in de evangelies een grondslag wilde vinden voor haar bestaan.

In het eerste gedeelte van de tekst gaat het over 72 leerlingen. Op het einde over 70. Dat komt omdat de tekst zoals die in dit evangelie is overgeleverd een samenvoegsel is van verschillende tradities. 

Het getal 72 verwijst naar de opvatting van de Joden dat de wereld 72 volkeren telde. De kerk wil zich dus wereldwijd verspreiden. 

Het getal 70 verwijst naar het aantal leden van het Sanhedrin, het opperste gerechtshof waarin alle “partijen” van Palestina vertegenwoordigd waren. Hier wordt de boodschap dus niet wereldwijd gericht, maar wel tot alle Joden. Dit stuk van de tekst is dus waarschijnlijk ouder dan het gedeelte met het getal 72.

Belangrijk is de vredeswens: sjalom. Vrede betekent niet dat er geen oorlog is, maar wel dat er harmonie is van de mens met zichzelf, met de wereld (de natuur), de anderen, en met God. 

Een ander belangrijk thema waar we het al over gehad hebben komt hier terug als Jezus zegt dat de zendelingen moeten eten wat hen wordt voorgezet. Het betekent dat ze zich niet moeten houden aan de Joodse wet wat betreft voedselvoorschriften. Vegetariërs mogen dan vlees eten, en moslims mogen haram eten. Jezus wil mensen niet vatten in allerlei regeltjes, maar bevrijden. Het gaat er ook om dat je het Rijk Gods niet bereikt door een wet te volgen, maar door vrede te wensen aan iedereen en harmonie te scheppen. Dat kan enkel als je zelf totaal niet streeft naar macht of rijkdom. De christen is een blote voeten mens. Legerbottines horen niet bij zijn outfit. Je kan de term Rijk Gods heel eenvoudig vervangen door geluk. Jezus is er van overtuigd dat mensen gelukkig kunnen zijn – het Rijk Gods is nabij ! En dat vraagt niet veel: sticht vrede en harmonie. Of is het misschien juist wél veel gevraagd omdat dat veronderstelt dat we de satan, het egoïsme, in onszelf overwinnen ?

Nu weet ik wel dat de aankondiging van het Rijk Gods in Jezus tijd te maken had met de overtuiging dat het einde der tijden nabij was, Met daarbij het Laatste Oordeel en de opstanding van de doden. Voor de mensen in die tijd waren die zaken werkelijkheden. Voor ons is het mythische taal geworden. Maar de betekenis is hetzelfde gebleven: het einde der tijden was voor die mensen de ultieme stap naar het geluk. Ik heb het al verschillende malen herhaald: de voorwaarde voor die stap naar het geluk ligt in het Laatste Oordeel: heb je hongerigen te eten gegeven, dorstigen te drinken, naakten gekleed, gevangenen bevrijd, vreemdelingen opgevangen ? Kortom; wat heb je aan de minsten gedaan ? Ook dat gaat over harmonie.

Tenslotte: de kerk zegt graag dat we Jezus moeten volgen. Maar hier leren we dat een christen geen naloper is, maar iemand die voorop wordt gestuurd om de weg naar het geluk te plaveien. Dat “gestuurd” of “geroepen” zijn is belangrijk want het betekent dat een christen niet zo maar onderweg even vakantie kan nemen om zijn eigen ding te doen op een strandlaken. Werken aan het geluk is een full-time bezigheid. 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *