Wat betekent “groene gedragsverandering” ?

Streven

Martha Claeys

Het meisje met de bamboe tandenborstel

Over groene schaamte

In het Zweeds is er een woord voor de schaamte die je voelt als je het vliegtuig neemt. De Zweden noemen het ‘flygskam’. Naast vliegschaamte benoemen ze daar ook ‘tagskryt’ (opscheppen over het feit dat je de trein neemt) en ‘smygflyga’ (in het geniep vliegen). We weten dat het vliegtuig per kilometer meer koolstofdioxide uitstoot dan de trein, of zelfs de auto, en toch blijven we vliegen. Gedrag dat het milieu ernstig schaadt terwijl er andere opties bekend, bestudeerd, en mogelijk zijn, wordt steeds vaker geassocieerd met schaamte

Vertrekkend vanuit een filosofie van de schaamte, filosofeert Martha Claeys over de rol van de schaamte in het proces van de gedragsverandering die inherent is aan het “groene bewustzijn”.

Laat me nu even alle twijfels over de werkelijkheid van de klimaatverandering zoals ons die wordt aangepraat aan de kant laten, en aannemen dat de klimaatactivisten radicaal gelijk hebben. Dan is een gedragsverandering een onvermijdelijke evidentie.

Je zou natuurlijk enkel naar de efficiëntie kunnen kijken en dan besluiten dat de oneindig kleine bijdrage die ik kan leveren door mijn, toch al niet zo  grootschalige gedragsverandering, niet belangrijk is.

Als ik echt niet meer zou gaan vliegen, verandert er aan het probleem niets. Dat blijft waar, ook als vele mensen niet meer zouden gaan vliegen. Want die mensen gaan dan massaal de trein nemen en ook die is vervuilend; weliswaar minder dan de vliegtuigen, maar als de toestand inderdaad zo dramatisch is als ons wordt voorgesteld, vraagt dat drastische ingrepen. Het vliegtuig vervangen door de trein is een kleine gedragsverandering. Niet meer reizen is een grote gedragsverandering.

Ik denk dat die grote gedragsverandering noodzakelijk is.

Want enkel door een grote gedragsverandering is de grote verandering in het economisch gebeuren mogelijk die nodig is voor een klimaatvriendelijke mensheid.

Ik denk dat nog al wat groenen niet goed beseffen waar het om gaat.

Neem nu de productie van mijn onderbroeken. Allereerst is de productie van de basisgrondstof katoen al milieubelastend, want ze vraagt veel water en irrigatie wat ook al tot schending van de mensenrechten heeft geleid omwille van betwistingen over grondgebied. Daarbij is er een belangrijke hoeveelheid kunstmest en pesticide nodig. Dat katoen wordt vooral geproduceerd in China en de VS.

Maar het katoen wordt tot garen gesponnen, bijvoorbeeld bij ons in Gent. Het moet dus getransporteerd worden. Miljoenen tonnen katoen worden jaarlijks over de hele aardbodem verspreid. Laat ons aannemen dat dit met vrachtschepen gebeurt. Dat brengt een enorme kost aan klimaat en milieu mee. Vergeleken bij die vervuiling is het, zelfs massaal, verminderen van het gevlieg een peulschil.

Dat garen wordt dan geweven, waarbij het moet gebleekt worden. Daarbij wordt nog al wat chloor gebruikt wordt, ook geen propere stof, waar kwik in verwerkt zit… Voor het snit – en naaiwerk wordt de katoen verscheept naar lage loonlanden zoals India.

De elastieken worden er in Italië… Enzovoort… Mijn onderbroek is verschillende malen de wereld rondgereisd voor ze mijn comfort en hygiëne verhoogt. Daarbij wordt ze dan ook nog met opzet zo geproduceerd dat ze snel verslijt…

Wie begaan is met het klimaat en milieu kan deze manier van produceren niet aanvaarden. Als ik beslis om niet meer te vliegen, en deze onderbroeken blijf dragen, maak ik mezelf belachelijk. Om in de geest van het artikel in Streven te blijven: dan moet ik beschaamd zijn om het feit dat ik niet meer vlieg, want dat is dan niet meer dan een schaamlapje dat niet genoeg bedekt.

Misschien moeten we eens gaan nadenken niet enkel over het klimaatprobleem, maar ook over de nonsens van de manier waarop onze economie in mekaar steekt.

Ook al ben ik niet overtuigd van de hele klimaatheisa, toch wil ik vanuit het voorzichtigheidsprincipe in mijn gedrag rekening houden met een mogelijk probleem. Maar eigenlijk heb ik het klimaatprobleem niet nodig om tot het besluit te komen dat ik mijn gedrag moet veranderen om mijn eigenwaarde te handhaven en de schaamte te vermijden. En die gedragsverandering is dus veel ingrijpender dan niet meer vliegen of mijn tanden poetsen met een bamboe borstel.

Het wordt daarbij ook duidelijk dat het woordje “ik” hier eigenlijk niet past. Het zal om een uitgebreid “wij” moeten gaan. Hallo, groene vrienden, werk aan de winkel !

Mag ik jullie een suggestie doen ? Waarom organiseren jullie geen clubs van mensen die echt willen doordenken over de zaak; die daarbij engagementen aangaan tegenover mekaar voor “groene gedragsveranderingen”; en die geregeld samenkomen om mekaar in die engagementen te steunen ? 

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *