Naar een christelijke islam ?

Ignis

Sami Hallak sj.

Deze jezuïet laat moslims kennismaken met ignatiaanse spiritualiteit

Met een groep jonge moslims verdiept de Syrische jezuïet Sami Hallak zich in de ignatiaanse spiritualiteit. Een uitdagende klus met gewaagde ideeën. “Ik stel hen voor aan een God die met de mens wil samenwerken.

Die Jezuïeten toch ! Ik beken: het is een kloosterorde waar ik wel van hou. Zoals alle verenigingen die het lange tijd volhouden kent hun geschiedenis hoogten en heel diepe laagtes. En zoals alle verenigingen die verspreid zijn over de hele wereld zijn er streken waarin ze goed werken, en andere waar ze er een potje van maken.

Maar hier en nu zijn ze wel goed bezig. Het is een orde van kritische intellectuelen. Daar hou ik van.

Weet je hoe een Jezuïet zijn broek ophoudt ? … Met wilskracht ! Zelfspot is een teken van mentale kracht.

Ze zijn zeer sterk gericht op missie en daar kan je dus nogal wat bedenkingen bij maken. Bekeringsdrang kan ziekelijk zijn en leiden tot grote excessen.

Maar kijk naar de onvergetelijke film The Mission van Roland Joffé –  met de prachtige muziek van Ennio Morricone – en je krijgt een beeld waarbij je vragen kunt stellen, maar waarvan je geen afkeer krijgt.

Argentijnse vrienden met niet veel respect voor de oorspronkelijke Indiaanse bevolking vertelden me ooit dat de Jezuïeten de enigen zijn geweest die de Indianen aan het werk kregen. Ik heb hen verwezen naar The Mission. Daar vraagt een Spaanse gezant aan de Jezuïeten-overste hoe hij dat gedaan heeft om de Indianen aan het werk te krijgen. Het antwoord was simpel en extreem links: wij laten ze voor zichzelf werken op hun eigen grond. De missiepost was een aanklacht tegen de Spaanse grootgrondbezitters die de Indianen als werkvee uitbuitten ter ere van de koning van Spanje. Communisme avant la lettre.

Ja, in deze getuigenis van een Syrische Jezuïet, komt het verschil tussen het christelijke en islamitische godsbeeld duidelijk naar voor. Ik vind het fijn dat ik hier een bevestiging krijg van wat ik in eerdere blogs al zo dikwijls heb aangehaald.

Vind je dit christelijke godsbeeld terug in de Koran ? Ik heb de Koran niet grondig genoeg bestudeerd om daar zo maar op te kunnen antwoorden, maar het lijkt me niet onwaarschijnlijk. Tenslotte heeft Mohammed zich laten inspireren, zowel door het Jodendom als door het christendom. Maar jullie weten dat ik het van cruciaal belang vind om te zoeken naar de kernidee van de heilige boeken en boodschappen. Daar waar de kernidee van het christendom de God van de liefde, of God als goede vader is, is de kernidee van de islam zeker het beeld van God als rechter. 

De kernidee is cruciaal omdat je in alle boeken meerdere invloeden vindt en je dus met uitgekozen teksten alles kunt bewijzen. De klassieke discussies van iemand die zegt dat de Koran (of de bijbel) zegt dat… want daar staat dat geschreven, waarop iemand anders stelt dat dat niet klopt want er is ook een tekst die het tegenovergestelde zegt, zijn zinloos. Het gaat om de kernidee en op die idee moet je de boodschap beoordelen.

Ik laat het aan jullie over om zelf de kernideeën van evangelie of Nieuwe Testament ( niét het Oude Testament ! ) en van de Koran te vergelijken.

Ik weet dat nogal wat moderne mensen steigeren als ze het woord God horen. Ik kan dat heel goed begrijpen, want ze hebben een katholieke opvoeding gekregen waarin God werd voorgesteld als iemand, ergens en overal; altijd; die weliswaar een goede vader is, maar ons toch in het oog houdt; met daarbij dan ook nog een katholieke kerk die het leven vastlegt in regeltjes; geboden en verboden. Ook voor mij is die God nonsens.

Het is natuurlijk verleidelijk om God te zien als een persoon, want persoon-zijn, is de hoogste levensvorm die wij kennen. Ik wil aannemen dat God minstens iemand moet zijn, maar hij is natuurlijk méér. Zijn wezen overtijgt het persoon-zijn. En dus is hij geen persoon. Wie God voorstelt als persoon, haalt hem omlaag. Het probleem bestaat er in dat ik natuurlijk niet kan weten wat hij dan wel is, want anders stond ik even hoog als hij, en zou hij niet meer God zijn.

De godsidee vertrekt dus vanuit mijn besef dat ik, mens, niet de hoogste ben. Wat dat hogere precies is kàn ik dus niet weten. Ik noem het God. Maar het is dus wel duidelijk dat ik mijn leven moet zien als ingeschakeld in de plannen van mijn God. Kijk, nu ben ik toch weer aan het verpersoonlijken en vermenselijken. Blijkbaar kan ik daarzonder niet praten over God. Dat is niet erg, als ik maar niet blijf steken in dat persoonlijke.

Ik kan nu wel zeggen dat ik mijn leven zo moét zien, maar natuurlijk kan ik het ook anders zien en God weghouden uit mijn leven. Dan word ikzelf de allerhoogste.

Ik wil toch nog iets zeggen over dat Magis van de Jezuïeten.

Jezus leerde ons dat die God liefde is. Ik moet me dus “inschakelen in de liefde”. Maar liefhebben houdt in dat je iets betekent voor iemand; dat je hem iets te geven hebt. Je hebt hem jezelf te geven. Jezelf en je talenten ontwikkelen is dus een levensbelangrijke opdracht. Maar God als allerhoogste is natuurlijk een nogal extreem geval. Hij is dus niet tevreden met half werk. Magis betekent “meer”. Enkel God is alles. Maar hij roept ons dus wel op tot meer: tot een totale inzet voor de ontwikkeling van onze talenten, en een totale inzet van deze talenten voor de andere en voor de samenleving. Zo wordt ook ons leven zelf totaal.

Onze God is nu eenmaal een God van leven. De doden kennen geen God. Daarom is Jezus verrezen. Beweer ik nu dat er leven is na de dood ? Ja, zeg, dat weet ik niet. Ik moet me er ook geen zorgen over maken. Als ik nu probeer totaal te leven, heb ik al werk genoeg.

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *