Hoe wordt een mens gelukkig ?

Logia

Hans Geybels: ‘Geluk is niet iets dat je zelf kan construeren, het wordt aangereikt door anderen’

Heel wat mensen in de kringen waarin ik me beweeg werden aangenaam verrast door het toch wel uitzonderlijke interview met Kristien Hemmerechts in Knack van deze week

Hans Geybels wijst terecht op het manco van yoga en mindfulness. Ik weet niet of hij met opzet enkel yoga vernoemt en boeddhisme vermijdt. Maar wat er ook van zij: Hans heeft gelijk: bij yoga en mindfulness gaat het om mij.

Natuurlijk zal ook, in bijvoorbeeld mindfulness, geïnspireerd door het boeddhisme, de andere aan bod komen en we worden aangezet om goed te zijn voor de andere, vriendelijk te zijn…  Op zich is daar natuurlijk niets op tegen. Integendeel. En als de technieken van yoga en mindfulness ons helpen om bekwaam te worden voor de beleving van deze houdingen, zijn ze waardevol.

Maar als je ze ziet als een middel om gelukkig te worden, ontbreekt er iets.

Bij mindfulness is de vriendelijkheid bedoeld om bij anderen vriendelijkheid uit te lokken en zo onaangename en lijden veroorzakende ruzie te voorkomen. Als dat lijden er toch komt, proberen “de Oosterse technieken” om de mens te helpen om “los te laten”. Ja, dat werkt. Voor mij niets op tegen. Ik probeer zelf om bewust “los te laten”. Maar het blijft gaan om mij en mijn geluk. Om het met de woorden van Hans te zeggen: het is een poging om mijn geluk te construeren.

Maar wat is geluk eigenlijk ? Wat is menselijk geluk?

Het antwoord op de vraag begint met de vraag: wat is een mens ?

Het beste antwoord op die vraag heb ik gelezen bij een pater Augustijn, Willem Luypen, in zijn boek Existentiële Fenomenologie: de mens is een ik in de wereld met de anderen en met God.

Mijn bepaling van geluk wordt dan: de gelukkige mens is in harmonie met zichzelf, met de wereld, met de anderen en met God.

Wat is harmonie ? Kahlil Gibran heeft het ergens over “de twee snaren van een luit, die worden doortrilt door dezelfde muziek”. Sta me toe dit in onze context te vertalen in: harmonie is zoals de twee snaren van een luit die apart trillen en samen een mooie klank vormen…” Harmonie is samen-spel, samen-komen…

Dat is wat Hans bedoelt – denk ik – als hij zegt: geluk gaat niet over mij, maar over ons.

Laat al maar duidelijk zijn dat volkomen harmonie niet mogelijk is. Niet met mezelf, niet met de wereld, niet met de anderen, en niet met God. Het volmaakte geluk bestaat niet.

In mijn blog van vorige donderdag had ik het al over het scheppingsverhaal in verband met arbeid. Ik moet hier terug komen op dat scheppingsverhaal. Eigenlijk is het wijsheidsliteratuur, verwoord in mythologische taal.

Bij de schepping plaatst God de mens in de Tuin van Eden, Aards Paradijs, plaats van geluk. God wil dat de mens gelukkig is. Op aarde ! Het gaat niet over de hemel ! De mens leeft daar in volkomen harmonie met zichzelf, met de wereld, met de andere (Adam met Eva en omgekeerd) en met God… De harmonie tussen Adam en Eva wordt gesymboliseerd door hun naaktheid. Naakt betekent hier: kwetsbaarheid. Maar hun harmonie is zo volkomen dat ze zelfs niet beseffen dat ze naakt zijn. De harmonie met de andere is zo sterk dat besef van kwetsbaarheid gewoon niet bestaat.

God wil dat de mens gelukkig is, en schenkt hem het geluk. Het geluk is een geschenk. Het is niet iets wat wij construeren. Integendeel.

Want in de tuin staat een boom met appels waar de mens niet mag van eten. Het is de boom van de kennis van geluk en ongeluk. De mens eet toch van die boom en dat betekent dat hij nu de kennis van geluk en ongeluk niet meer overlaat aan God, maar zelf op zoek gaat naar zijn geluk. En dus loopt het fout. Wie het geluk zoekt, zal het niet vinden !

Eigenlijk is het simpel: wie zijn eigen geluk wil zoeken, construeren, zit verzand in het egocentrisme – egoïsme, hoe vriendelijk en goed hij ook is voor de andere. En zo zagen Adam en Eva plots dat ze naakt en kwetsbaar waren. Daarmee is de harmonie verbroken.

Je mag van mij liberaal zijn en de hele idee afwijzen. Ik kan je niet verplichten om gelukkig te worden.

Het verhaal van het Aards Paradijs moet je aanvullen met de boodschap van Jezus: God is liefde.

In het aards paradijs is het God die het geluk schenkt. Als ik dat vertaal naar “God is liefde” wordt dat: het geluk wordt geschonken door de liefde.

Of nog: wie zijn eigen geluk zoekt, zal het niet vinden. Wie het geluk zoekt van de andere, zal het geluk geschonken krijgen.

Val nu niet in de kuil van: ik ga het geluk van de andere zoeken om het geluk geschonken te krijgen. Grapje.

In dat verband is het belangrijk om de logica op te merken. In zijn meesterwerk Eros et Agapè ontleedt de protestantse theoloog Anders Nygren de idee “liefde” in het Nieuwe Testament en komt tot het besluit dat de liefde van “God is liefde”, de totaal onbaatzuchtige, onvoorwaardelijke liefde is. De liefde die niet vraagt om wederliefde. 

Het gaat dus niet om wat wij “menselijke” liefde noemen. Er staat niet voor niets het woord God bij die liefde. A.u.b. denk bij God nu niet aan een of ander wezen, kracht… Maar wel aan totaal-heid, volkomenheid… Als je bij God adjectieven zet, zijn het altijd superlatieven: het kan niet meer, niet hoger, niet beter…

Die volkomen, onbaatzuchtige liefde zonder vraag naar wederliefde is dus nooit helemaal weggelegd voor een mens. Wij zijn God niet, en volkomen geluk is dus niet mogelijk.

Daarom wil ik nog even met beide voetjes op de grond komen: als ik al probeer om goed te zijn voor een ander zonder dankbaarheid te verwachten, ben ik al goed op weg. Nu nog vergeten dat dit me gelukkig maakt…

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *