Groei is juist wél de wortel van het kwaad

Knack

Maarten Boudry, wetenschapsfilosoof

‘Waarom de Club van Rome nog steeds ongelijk heeft’

‘Dit is de echte les die we moeten trekken uit het jubileum van Grenzen aan de groei: de bezorgdheden van de Club Van Rome waren terecht, maar hun oplossingen rampzalig’, schrijft Maarten Boudry. ‘Groei is niet de wortel van het kwaad, maar juist de oplossing.

In de filosofische wereld van Gent lachen ze met de ondraaglijke lichtheid van filosoof Boudry en denken met heimwee terug aan de tijd van Leo Apostel en Jaap Kruithof. Sommigen tellen daar ook Vermeersch nog bij, maar dat is een vergissing.

Ik ben geen specialist van de Club van Rome en ook niet zinnens om het te worden. Ik denk hier dus na over de kritiek die Boudry er op geeft.

Het rapport van Rome zou voorwaardelijke voorspellingen hebben gedaan: … als we de groei niet snel en drastisch beteugelen, dan…

Ik hou niet van wetenschappelijke voorspellingen. Je kan ze enkel doen op basis van de gekende toestand. Je kan dan stellen dat als die toestand voortduurt… dit of dat zal volgen, maar je kan nooit weten of er geen nieuwe elementen zullen opduiken die je voorspelling waardeloos of op zijn minst minder waar maken.

Dat Boudry Rome daar op pakt is correct.

Maar als Boudry zegt dat  “meerdere rijke landen bewezen dat het perfect mogelijk is om milieuvervuiling sterk terug te dringen zonder aan welvaart in te boeten…” maakt hij zich belachelijk. Want ten eerste gaat zijn concrete verwijzing in dit artikel naar die rijke landen enkel over luchtvervuiling, en het is inderdaad perfect mogelijk om die plaatselijk op te lossen, maar dat geldt zeker niet voor alle milieuproblemen. 

Maar meer nog: milieuproblemen zijn mondiaal. Neem nu dat een rijk land de luchtvervuiling kan oplossen door het verplicht invoeren van elektrische wagens, het elektrificeren van zijn openbaar vervoer… moeten we dan ook niet eens gaan kijken wat er gebeurt aan milieuvervuiling in de landen die de ertsen en grondstoffen leveren voor die elektrische wagens, batterijen… ? En hoe die elektriciteit geproduceerd wordt ? Want je kan nu wel inzetten op wind en zon voor de elektriciteitsproductie, maar als er een spectaculaire stijging van de vraag komt -en die komt er, lijkt het me niet zo evident dat zon en wind voldoende energie kunnen leveren. In ieder geval bewijzen de huidige investeringen in ontginning van nieuwe olie- en steenkoolvelden dat de markt er van uitgaat dat wind en zon nog lang niet zullen volstaan.

En daarmee vervalt ook het argument van Boudry dat Rome geen enkele rekening hield met het prijsmechanisme, de smeerolie van elke vrijemarkteconomie. Hij geeft toepassingen van de rol van dat prijsmechanisme. Maar je kan even goed toepassingen geven die juist de andere kant op gaan: het prijsmechanisme gaat over de vrije markt en over de verplichting binnen het kapitalisme om zoveel mogelijk winst te maken: die verplichting vertraagt en stopt nu zelfs de technologische vernieuwing die Boudry als oplossing voor het probleem aanbrengt: zolang er winst te rapen valt bij olie, steenkool, gas… zullen de fossiele brandstoffen ingezet worden. Daar kan geen enkele overheid tegenop. “ it’s the economy, stupid ! 

Boudry heeft het in dat verband over de milieuwetgevingen “in talloze landen”. Even verder wordt dat: “in rijke landen”.

Daar stoten we op hét zwakke punt van het verhaal van Boudry: inderdaad, rijke landen kunnen zich permitteren om maatregelen te nemen voor volksgezondheid en industriële vervuilingen. Door de actiegroepen kàn Vlaanderen niet anders dan iets doen aan de PFAS-vervuiling. Maar heel de geschiedenis van die vervuiling toont aan dat de macht van de overheid zelfs hier beperkt is: die vervuiling is doorgegaan omdat de overheid wegens factoren zoals werkgelegenheid niét durfde of kon ingrijpen. Maar de druk van de bevolking is nooit sterk genoeg om het probleem fundamenteel aan te pakken. Hoogstens om bepaalde concrete problemen naar elders te verplaatsen.

Als mensen rijk genoeg zijn, gaan ze zich vanzelf om het milieu bekommeren ? Maar: als mensen rijk kunnen worden door zich niét om het milieu te bekommeren, zullen ze zich van het milieu niet veel aantrekken. Vraag het maar aan 3M. En als die rijke mensen zich om het milieu bekommeren, dan is het omdat ze het zich kunnen permitteren om de vervuiling, nodig voor de rijkdom, buiten hun grenzen te houden. 

Op dit ogenblik kan je nog zeggen dat de klimaatproblemen te wijten zijn aan de rijke wereld. De ecologische voetafdruk van de rijke mens in het Westen is inderdaad veel groter dan die van de armoezaaier in het Zuiden. Door technologische vooruitgang kunnen we zeker onze ecologische voetafdruk verkleinen. Maar die voetafdruk is een verraderlijk geval: de voetafdruk van de zwarte in de Nigeria is klein. En zolang die zwarte arm is, zal die klein blijven. Die zwarte zal ook arm blijven. Maar ondertussen maakt Shell van Nigeria wel een land dat een ramp wordt voor milieu en klimaat.

Volgens Boudry zullen mensen afhaken in hun pogingen om het milieu te verbeteren als je hen voorhoudt dat de milieuverbetering enkel kan samen gaan met verarming door ontgroeiïng. Maar er zit iets raars in zijn redenering. Want waarom zouden mensen nog moeten bezig zijn met milieuverbetering als de groei het probleem toch oplost ? Waarom zou ik nog moeten pissen onder de douche als de elektrische wagen de klimaatopwarming tegen houdt ? 

Dat zou ook gelden voor de mensen in de arme landen: die zouden niets willen doen voor het milieu als ze niet tegelijkertijd ook rijk mogen worden door groei. 

Hij maakt hiermee duidelijk dat de groei op zich geen oplossing is voor het probleem: groei kan enkel een oplossing zijn als de mensen ook beslissen dat enkel nog groei kan, die gunstig is voor het milieu. En wat als die groei daarvoor trager moet ?

Nu kom ik terug op het kapitalisme: ons economisch systeem trekt zich daar niets van aan: het draait om winst. De mensen hebben daar niets fundamenteels aan te zeggen, zoals de debacle van de klimaataanpak sinds het eerste IPCC rapport in 1990 ( !!! ) en de vaststelling dat er nooit zoveel is geïnvesteerd in fossiele energie als  nu met de ontginning van nieuwe olie- gas- en zelfs steenkoolwinning.

Eigenlijk is het simpel: het is onvermijdelijk dat mijn aanwezigheid op deze planeet een belasting is voor de planeet. Een ecologische zero-voetafdruk is onmogelijk. De draagkracht van de planeet is enorm, maar niet oneindig. Ik weet niet – en ik denk dat niemand het kàn weten – wanneer de kritische massa van belasting zal bereikt worden. Het gaat daarbij zowel om de zwaarte van ieders afdruk als om het aantal afdrukken. Technologische vernieuwing kan de zwaarte van de voetafdruk verminderen. Ik ben voor die technologische vernieuwing. Door die vermindering zijn er méér voetafdrukken aanvaardbaar. Maar ooit botsen we op de grens. Het ontgoochelt me dat Boudry in dit artikel nergens expliciie( het onderscheid maakt tussen de uitputting van de “grondstoffen” en de milieubelasting op de planeet. Het kan wel zijn dat er nog volop grondstoffen genoeg zijn. Maar de milieubelasting gaat wel naar de grens.

Neen, ik ben geen ramptoerist. Wanneer die grens zal bereikt worden, weet ik niet. Maar ik begrijp niet waarom er naast de transitie absoluut ook nog groei moet zijn. Of liever ik begrijp het wel; Boudry verdedigt stiekem het kapitalisme want dat kan niet zonder groei. Ik hou niet van stiekemerds.

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.