De strijd tegen het fascisme/nazisme

De Wereld Morgen

Interview – Jan Deceunynck .

8 mei-coalitie wil herinnering aan overwinning op fascisme levend houden

8 mei 1945. De dag dat nazi-Duitsland capituleerde. Het fascisme was verslagen. In onze buurlanden wordt die dag jaarlijks herdacht als een feestdag, maar in ons land vreemd genoeg niet. Of niet meer. Want tot 1974 was 8 mei een vrije dag voor ambtenaren en schoolkinderen, maar toen werd de feestdag afgeschaft en gaat de dag steeds geruislozer voorbij

Ellen De Soete heeft natuurlijk gelijk. En haar verhalen doen voelen en denken. Of 8 mei daarvoor een nieuwe officiële feestdag moet worden is een vraag, voor mij mag het, maar…

We gaan het fascisme en neonazisme niet tegenhouden met herdenkingen. Bezoeken aan Breendonk en Auschwitz moeten. Maar hoezeer mensen ook getroffen weer naar huis komen, het gaat om gevoelens, en gevoelens hebben de zowel aangename, maar ook vervelende eigenschap dat ze voorbijgaan. Dat is een van de voornaamste eigenschap van gevoelens.

Gevoelens zijn ook de oorsprong van alle menselijk handelen. 

Verstand kan je in deze context bepalen als een vorm van ordening van gevoelens en handelen.

Als je het zo ziet zou het volstaan om de gevoelens in stand te houden.

Maar zo simpel is het niet. Bij Ellen De Soete zijn de gevoelens verweven met een zeer sterke betrokkenheid met haar ouders. Die betrokkenheid overleeft en daarmee ook de gevoelens. Maar als er niet echt zo ’n stam is waarop gevoelens zich kunnen enten, is het gewoon niet mogelijk om ze voldoende sterk te laten zijn om daarop de strijd tegen fascisme en nazisme te bouwen.

Ook het verstand is dat niet. Onder andere de oorlog in Oekraïne bewijst hoe gemakkelijk mensen hun verstand uitschakelen. Dat kan door beïnvloeding, manipulatie. Door emoties. Meer dan de helft van de Vlamingen is het er mee eens dat belgië militairen naar Oekraïne zou sturen. Dat is een begrijpelijke emotionele reactie, maar rationeel ongelooflijk verkeerd, want het zou het begin van een regelrechte oorlog met de Navo betekenen en waar zo ’n oorlog begint, weten we dan wel. Waar hij zal eindigen weten we ook: in grote miserie. Maar we weten niet hoe groot die miserie zal zijn. De risico’s op een quasi totale vernietiging van Europa zijn immens. Maar die rationele bedenking verdwijnt eventjes uit de geest van de Vlaming, want hem is ingeprent dat hij Poetin moet haten.

Een en ander betekent dat de emoties van de herinneringen, noch rationele discussies mensen weghalen uit fascistische of nazistische reflexen.

De overgrote meerderheid van de mensen die zulke reflexen vertonen, doen dat niet omdat ze daarvoor kiezen. Ze zijn niet ideologisch fascist. Ze zijn het gewoon.

Ook bij die mensen liggen gevoelens aan de oorsprong. Het zijn gevoelens die hen naar het fascisme/nazisme drijven. Je zou dus kunnen stellen dat het een strijd is tussen de gevoelens, opgewekt door de herinneringen, en de gevoelens die het fascisme/nazisme opwekken. De herinneringen kunnen het nooit halen tegenover de fascistisch/nazistische gevoelens omdat die laatste telkens opnieuw worden aangevuurd door ervaringen. Ervaringen zijn altijd sterker dan herinneringen. Zeker als ze dagelijks opnieuw ervaren worden.

Daarmee geef ik ook het failliet aan van de mensen die denken dat ze het fascisme/nazisme bekampen als ze een extreem-rechtse partij bekampen. Het fascisme/nazisme zit niet enkel in de partij, maar in de mensen. De partij wordt sterk door het fascisme/nazisme in de massa. Nu kan de partij dat nazisme/fascisme wel aanwakkeren door propaganda. Maar je kan een vuur slechts aanwakkeren als het al brandt.

De vraag is dan: wàt steekt het fascistisch/nazistische vuur aan bij de mensen ?

Laat me fascisme/nazisme nu heel eenvoudig omschrijven met twee componenten: de hang naar een sterke leider en een vorm van agressiviteit tegen anderen ter verdediging van het eigen volk.

De hang naar een sterke leider ontstaat uit een gevoelen van onveiligheid dat samengaat met onmacht en de vaststelling dat de huidige (democratische) leiding niet wil (het zijn allemaal dieven) of kan zorgen voor veiligheid. Zulke situatie is geschikt om een charismatische leider toe te laten om de mensen er van te overtuigen dat hij “voor hen zal zorgen”; hen opnieuw sterk zal maken”; “hen naar de overwinning zal leiden”.

Je hebt de opkomst van extreem-rechts niet nodig om te weten dat een groot gedeelte van de mensen op dit ogenblik het gevoelen heeft dat ze de huidige toestand niet aankunnen. Ik kan hier niet uitgebreid ingaan op wat daar in speelt. 

Maar zeker is dat veel mensen het gevoelen hebben dat het allemaal te snel gaat en te ingewikkeld wordt.

Ook maakt de opeenvolging van economische crisissen dat mensen zich niet meer zeker voelen van werk en inkomen. Dat gaat niet enkel over werkloosheid, maar ook over de inflatie, de loonstop, de dreigende tekorten van olie, gas, zelfs voedsel. Tegelijkertijd moet je geen genie zijn om te beseffen dat een volgende grote economische crisis een ineenstorting van de sociale zekerheid betekent en dat het wegvallen van inkomen dus niet zal opgevangen worden door de gemeenschap. 

Vroeger waren de mensen zeker over wat goed en kwaad was. Nu staan in de VS grote groepen mensen agressief tegenover mekaar over het ethische aspect van abortus. 

De oorlogsdreiging doet er ook al geen goed aan.

In mijn ogen de dreiging die het meest rechtstreeks naar het rechts-extremisme voert is de multiculturele samenleving. Ik heb het er gisteren nog over gehad: de angst voor het/de vreemde zit bij vele mensen diep. Je kan duizendmaal aantonen dat die angst niet gegrond is. Angst kan je niet wegtoveren met rationele argumenten.

Vraag me niet naar de oplossing. Ik heb ze niet. Maar zeker is dat alles wat ik de antifascistische bewegingen nu zie doen om de opgang van extreem-rechts af te stoppen, nergens zal toe leiden omdat ze niets doen aan de échte oorzaken. Je kan bewijzen dat het vlaams blok niet echt een sociale partij is. Je kan de mensen verwijten dat ze meestappen in een verhaal van haat… Daarmee verander je niets aan de ervaringen van de mensen die hen brengen tot een gevoelen van onveiligheid, de échte grond voor het fascisme.

Op dit ogenblik zijn er twee partijvoorzitters die er in slagen aan mensen het gevoelen te geven dat ze voor de mensen zullen/kunnen zorgen: Conner en Raoul. Niet toevallig zijn het hun partijen die groeien. In mijn ogen heeft dat zelfs niets te maken met partijprogramma’s. Het gaat om de persoonlijkheden.

Probleem: ze beginnen te lijken op de sterke leiders die een van de elementen van het fascisme/nazisme vormen.

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.