Terug naar school !

Er is veel te doen over ons onderwijs. Demir probeert een tanker te keren. Terecht. Soms trekt ze wat te fel aan het roer en haar officieren klagen dat ze het tempo niet kunnen volgen. Maar ik denk wel dat ze gelijk heeft. Het gaat over kennis en kunde. 

Leren vraagt discipline in de klas. Discipline vraagt gezag. We leven in een tijd en samenleving waarin gezag een probleem is. Het is hier niet de plaats om daar dieper op in te gaan. Maar duidelijk is wel dat er opnieuw meer moet worden ingezet op discipline, orde, tucht.

Zowel bij discipline als leren speelt de motivatie een cruciale rol.

Beloning (en straf) zijn toegankelijke en effectieve bronnen van motivatie. Denk daarbij aan goede of slechte punten; aan slagen of niet slagen; maar ook aan de waardering van leerkrachten en ouders. In de puberteit zal ook de waardering binnen de peergroup belangrijk worden.

Maar wie enkel gemotiveerd geraakt door beloning of straf zal niet presteren als hij kans ziet om ook zonder presteren de beloning binnen te halen,- spieken ! Een duidelijk voorbeeld is de loonkloof: waarom zou iemand gaan werken als zijn uitkering bijna even hoog is als zijn loon zou zijn ? De grote meerderheid van de mensen vindt zo ’n houding ergens toch wel normaal of op zijn minst begrijpelijk. Hoe zou je zelf zijn ?

Als mensen enkel presteren omwille van de beloning of straf en dus niet zullen presteren als ze de kans zien om de beloning binnen te halen, ook zonder presteren,

wordt controle belangrijk.

Dat is een probleem in onze samenleving. Want precies de motivatie van beloning en straf wordt in onze samenleving massaal gebruikt en in school aangeleerd. En dus krijgen we een samenleving waarin steeds meer controle wordt geïnstalleerd, van de alomtegenwoordige camera’s tot de administratieve planlast – smartschool !

Controle (een vorm van dictatuur – 1984, George Orwell) leidt tot angst. Angst leidt tot agressie. En zo komen we bij de polarisatie … Hiermee heb ik niet gezegd dat agressie en polarisatie helemaal verklaard zijn. Samenlevingsproblemen zijn altijd complex.

Er is niets op tegen dat mensen streven naar een goede job met een goed loon waar ze goed van kunnen leven – werken hoort bij de opdracht om te overleven – maar als je jongeren enkel dat voorhoudt als motivatie om te werken voor school, werk je aan een samenleving waarin het samen leven alsmaar moeilijker wordt.

De kern van de zaak is dat beloning en straf zich afspelen op het niveau van de beesten. Een hond leer je op bevel te gaan zitten door hem een koekje te geven.

Ja, ik weet natuurlijk ook wel dat niet iedereen en alles blijft steken in dat beestige. Er is nog veel goeds in de wereld, maar als je naar het algemene kijkt, zie je toch dat beloning en straf de overheersende vorm van motivatie zijn in wat voor nogal wat veel mensen de hoofdzaak in hun leven is: het economische gebeuren: werken en consumeren. Ook het socialistische en atheïstische materialisme hebben bijgedragen tot een samenleving die bijna puur materialistisch is geworden.

Wie er een beetje dieper wil op ingaan zal niet anders kunnen dan ook een verband leggen met het economische systeem, het kapitalisme. Maar het is hier niet de plaats om dit verder te expliciteren.

Jezus was een Rabbi, een leraar. Maar hij was een speciale.  De andere rabbi’s in zijn tijd bestudeerden de (heilige) teksten. In de evangelies zien we dat hij deze teksten goed kende en hij deed er geregeld beroep op.

Maar zijn leerstof ging dieper: ze ging over diepe menselijkheid die voor hem samenging met het besef van God.

Zonder relatie met de transcendentie kan een mens niet echt mens zijn. Dan blijft hij een beest met wat meer hersenen dan de rest.

De transcendentie is per definitie onbevattelijk voor ons. Ze echt kennen is onmogelijk. Maar ze heeft wel iets met ons te maken. Jezus durfde stellen dat ze van ons houdt. Ja, dat is mythologische taal, maar die taal is wel geschikt en soms de enige mogelijke om te spreken over het onuitsprekelijke – over wat in gewone mensentaal niet uit te drukken is.

Met een God die houdt van ons moeten we oppassen. Want we hebben dan al snel de neiging om beroep te doen op hem als we in nood zijn. Dat is menselijk, maar als God echt liefde is, is hij ook machteloos gelijk een vader of moeder machteloos kunnen staan als hun kind verloren loopt in drugs …

In zijn parabel van de Goede Vader is het precies dàt godsbeeld dat Jezus ons voorhoudt: de Goede Vader kan zijn jongste zoon er niet van weerhouden om zijn deel van de erfenis op te eisen en het te gaan verbrassen …

Maar die God blijft wel liefde en daarmee wordt de liefde voor ons een essentiële opdracht om echt mens te worden.

Als je presteert omdat je echt onbaatzuchtig van iemand houdt heeft dat niets te maken met beloning of straf.

Liefde wil gemeenschap vormen. 

Je kan dat toepassen op interpersoonlijke verhoudingen, maar ook breder, tot en met onze samenleving.

Opvoeding gebeurt in de eerste plaats bij de ouders en de naaste familie. Maar als een kind zoveel uren per dag op school zit, kan het niet anders of ook de school heeft een opvoedkundige taak.

Voor een gelovig mens zal de school dus ook moeten werken aan:

1. Aanvoelen van transcendentie.

2. Vorming tot mensen die bekwaam zijn tot interpersoonlijke liefde.

3. Bewustmaking van de taak om aan zichzelf te werken om bekwaam te worden tot liefde.

4. Overstijgen van de motivatie van beloning of straf en zelfdiscipline leren om door kennis en kunde iets te kunnen betekenen voor anderen en bij te dragen tot opbouw van de samenleving.

Als ik zo even overloop wat ik zojuist geschreven heb is er nog veel werk aan de schoolwinkel. En daarvoor hebben we Demir niet nodig.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *