Het belgische, Waalse, Vlaamse socialisme en de Internationale

Streven

Ludo Abicht

Geen andere uitweg

Dit boek van de politieke historicus Harry Van Velthoven leest als de lange kroniek van een reeds vroeg aangekondigde scheiding tussen Waalse (en Franstalige) sociaaldemocraten en hun Vlaamse ‘verwanten’. ‘Aangekondigd’ is hier wellicht niet de juiste term. In het licht van de ontwikkeling die in dit essay in detail geschetst wordt zou men eerder kunnen spreken van ‘vermoed, gevreesd, bestreden en ontkend’, tot de breuk in 1978 onvermijdelijk geworden was

Op zich is de geschiedenis van het belgische socialisme van weinig belang. belgië als land betekent niets. belgische politici halen topfuncties binnen in internationale instanties, juist omdat belgië niets betekent. Frankrijk zal nooit aanvaarden dat een Duitser Europees president wordt. belgië leverde ondertussen Van Rompuy en nu Michel. Dat kan enkel omdat het nationalisme van deze heren ongevaarlijk is. belgië heeft geen macht. Dat Michel – en Reynders ! (als je niets hoort van Reynders is het opletten geblazen ! ) – toch hun top positie hebben misbruikt om Wallonië te bevoordeligen bij de verdeling van Europees geld om de klimaatproblemen aan te pakken, interesseert de Europese groten niet. Het is een louter belgische aangelegenheid.

Wat heeft dit te maken met het artikel van Abicht en het thema van het uit mekaar vallen van de socialistische partij in een Vlaamse en een Waalse socialistische partij ? Welnu, je kan wat Michel en Reynders nu doen zien als een samenvatting van de geschiedenis van belgië.. Zoals Harry Van Velthoven ze beschrijft wordt die geschiedenis eigenlijk gekenmerkt door een oorspronkelijk totale Franstalige dominantie die langzaam is afgekalfd en omgekeerd, waarbij de Franstaligen nog altijd krampachtig achterhoedegevechten leveren en proberen de illusie hoog te houden dat ze het eigenlijk nog voor het zeggen hebben in dit onland. De manier waarop Magnette op dit ogenblik probeert de belgische politiek te domineren is daarvan een illustratie. Het gaat er daarbij niet enkel om dat zijn partij in normale omstandigheden door de verkiezingsuitslag incontournable is en hij het zich dus als machtspoliticus kan permitteren, maar ook de manier waarop hij er geen graten in ziet dat de overgrote meerderheid van de grote meerderheid van dit land niet zou vertegenwoordigd zijn in het bestuur is tekenend. Ik kan me voorstellen dat hij geniet van de idee dat Wallonië/de Franstaligen eindelijk nog eens de lakens kunnen uitdelen en het land domineren. Overigens is er iets mis met een staatsstructuur die zo ’n situatie mogelijk maakt. 

Die belgische geschiedenis is ook de geschiedenis van de socialistische partij met dit verschil dat in het socialisme de Vlaamse socialisten nooit in de machtspositie van de Vlamingen als bevolkingsgroep zijn geraakt omdat het Vlaamse socialisme, zoals door Van Velthoven beschreven, door de concentratie van de zware industrie in Wallonië nooit de vlucht heeft kunnen nemen die het socialisme in Wallonië tot de grootste partij heeft gemaakt. De socialisten zijn in Vlaanderen nooit de sterkste partij geweest.

belgicisten proberen een en ander te ontkennen. En zeker linkse belgicisten weigeren het uit mekaar vallen van belgië als ingebakken in de constructie van het land te aanvaarden. Welaan dan: het botert nu goed tussen Magnette en Rousseau, en ik hoor van belgicisten de roep om te herfederaliseren en om een federale kieskring te organiseren… Laat de socialisten het voorbeeld geven en de Vlaamse en Franstalige socialistische partijen fusioneren om opnieuw één belgische socialistische partij te vormen. De pvda kan het, waarom dan de socialisten niet ? Maar dàt is het drama van de belgicisten: iedereen die echt in de politieke praktijk te maken heeft gehad met samenwerking tussen Franstaligen en Vlamingen heeft moeten vaststellen dat die samenwerking altijd moeilijk is, ook als beide kanten als gelijkwaardig aan tafel komen, en onmogelijk als beiden in één organisatie zitten omdat dan door de Franstalige drang naar dominantie die organisatie tenslotte slechts één kant vertegenwoordigt en verdedigt.

Nu hoor ik de belgicisten al huilen dat er eigenlijk geen twee kanten zijn. Dan komen we bij het thema van de internationale. Want als er in belgië slechts één kant zou zijn, dan zou men toch ook kunnen stellen dat er slechts één kant is binnen Europa. Of op wereldvlak. Is de strijd voor de rechten van de arbeider geen globale strijd ?

Binnen het marxisme zijn daar wel wat discussies over gevoerd. Maar je kan er niet onderuit: er  bestaat geen wereldwijd georganiseerde strijd tegen het kapitaal. Dat is niet het gevolg van marxistische analyses of ideologische keuzes, maar gewoon van de manier waarop de mensheid in mekaar zit en het uit mekaar vallen van de mensheid in soort, ruimte, en misschien vooral tijd. Tijd is iets raars. Over de hele wereld leven we allen op hetzelfde ogenblik, maar we leven wel in verschillende tijdperken. Zelfs op het belgische grondgebied leven de autochtonen in een ander tijdperk dan de overgrote meerderheid van moslims. In een vorige blog heb ik al de woorden aangehaald van een moslima die zegt dat zij in een niet-geseculariseerde samenleving leeft. Autochtonen leven wel in een geseculariseerde wereld. De geseculariseerde wereld is er gekomen na de niet-geseculariseerde wereld. Je kan dus stellen dat de moslims in een vroegere wereld leven dan de autochtonen. Projecteer dat wereldwijd, en je begrijpt dat een echte internationale gewoon niet mogelijk is. Voor mijn part mag je zelfs stellen dat Wallonië in een vroegere wereld leeft dan Vlaanderen omdat de Waalse socialisten nog altijd niet de sprong van het zware-industrie-socialisme naar het socialisme van de kennis-industrie heeft gemaakt. De Waalse socialisten voeren dus, al dan niet terecht, een andere strijd dan de Vlaamse socialisten. Uiteraard is die strijd fundamenteel hetzelfde maar de omstandigheden van oorlogsvoering zijn anders en dat vraagt andere strategieën. De mobilisatie van de arbeidskrachten in de technologiesector kan niet op dezelfde manier gebeuren als die in een staalbedrijf. Stevaert en Frank Vandenbroucke hadden dat begrepen. Daarom hebben ze ook de naam van de partij veranderd. Alleen hebben ze niet de oplossing gevonden. Daar ligt de fundamentele oorzaak van de neergang van de SP (a). Ik ben benieuwd of Rousseau die oplossing wel zal vinden. Dat hij nadenkt over een nieuwe naam duidt er op dat hij er naar op zoek is.

En de Internationale ? Het zal nog een tijdje duren vooraleer dat een Globale is. In afwachting is het belangrijk dat ieder zijn eigenheid behoudt en vanuit die eigenheid samenwerkt.

 

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *